Verslagen
Weer een drukke interne competitie zoals we die graag zien. Geen externe competitie, 16 partijen, en een halfuur durend mini-college van jullie verslaggever naar aanleiding van een van de vanavond gespeelde partijen.
 
Yuri Hauser - Roelof van Marle 
Wit ruilde in een vroeg stadium de zwartveldige loper voor het paard op f6, waardoor de zwarte pionstructuur verminkt raakte. Dit leverde echter wel een extra bescherming op voor de zwarte koning, die vervolgens kort rokeerde. Wit rokeerde lang, waarmee een interessante stelling met beiderzijds aanvalskansen op het bord verscheen. In de strijd om het openen van lijnen tegen de vijandelijke koning ging zwart iets voortvarender te werk, en wist de aanval om te zetten in winst. 0-1
  
Folmer Heikamp - Timo van Peursen 
In een open stelling speelde zwart in een vroeg stadium de e-pion op. Dit veroorzaakte zwaktes op de velden naast de pion, waar wit met paarden en dame dankbaar gebruik van maakte. Toen wits stormoffensief tot rust gekomen was, stond wit een toren voor. Zwart speelde nog een tijd door, maar het witte materiële overwicht gaf de doorslag. 1-0
  
Jerrel Thakoerdien - Jelle Bulthuis 
Wit stelde een flink centrum op, waartegen zwart eveneens fel van leer trok. Wit was iets beter ontwikkeld toen de centrumsituatie werd opgelost en de stelling open kwam. Zwart wist echter de dames te ruilen, waarna een positioneel evenwicht bereikt was en de vrede getekend kon worden. ½-½
  
Peter Torczynski - Bart van Strien 
Zwart trok snel ten aanval tegen de witte centrumformatie, waardoor wit gedwongen was om het centrum met hand en tand te verdedigen. Dameruil verlichtte de druk op de witte stelling; tevens kwam de a-lijn open voor de witte toren. Wit bleef met ruimtelijk voordeel zitten, maar zag geen concrete manier om dit voordeel uit te buiten en stelde zich tevreden met remise.
  
Henk van der Tol - Joanna van Schaïk 
In de opening bracht zwart een interessant offer van twee pionnen op de koningsvleugel, dat als doel had om de witte dame langdurig buitenspel te zetten en zelf op de damevleugel te proberen de witte stelling te overrompelen. Het openen van lijnen ging echter minder voorspoedig dan gehoopt, en de zwarte dame raakte enigszins verstrikt tussen de eigen stukken. Wit wist de stelling af te ruilen tot een stelling met alleen nog maar zware stukken en twee pionnen meer. Tevens bleef de zwarte koning kwetsbaar, waardoor wit aanvalskansen bleef houden. Zwart kreeg geen tegenkansen meer en moest spoedig de vlag strijken. 1-0
 
 Alexander Cupido - Michaël van Liempt 
De stelling verwerd al snel tot een zootje. Wit bood een pion aan voor vlugge ontwikkeling, maar zwart had geen trek in deze verwikkelingen. Wit vond echter een creatieve manier om toch snel tot een vlotte ontwikkeling te komen en het zwart moeilijk te maken om de ontwikkeling te voltooien. De zwarte damevleugel deed nog niet mee, en de witte activiteit bood wit de betere kansen. Wit ging voor een interessant speculatief stukoffer om de zwarte rokadestelling open te breken. Voor de twee stukken die wit hierbij opgaf, kreeg hij een toren en twee pionnen terug. Maar omdat zwart voldoende verdedigende ressources wist te vinden, bleef het witte initiatief van beperkte duur. Na dameruil was de witte aanval tot stilstand gekomen en kon de balans opgemaakt worden: wit had veel pionnen maar niet genoeg stukken om deze te verzilveren, en zwart had veel stukken maar niet genoeg pionnen om een goed plan op touw te zetten. Hoewel doorspelen waarschijnlijk het leukst was geweest, vonden deze twee spelers het mooi geweest. ½-½
  
Vincent Geerlings - Erik van Dop
In een variant die normaliter kalm spel op zou leveren, verliet wit de begane paden met een vlug c2-c4. Na ruil van de zwarte centrumpion bleef wit met meer ruimte en een geïsoleerde damepion over. Deze pion werd in de strijd geofferd voor een totale witte dominantie over de centrumlijnen, wat voor de nog niet gerokeerde zwarte koning levensgevaarlijk was. Wit speelde de aanval secuur door en wist zwart al spoedig tot opgeven te dwingen. 1-0
  
Hans Hulshof - Rob van Helvoort 
Zwart sloot het centrum in deze partij snel af, waardoor zijn witveldige loper ingesloten werd. Zwart stuurde erop aan om deze loper via a6 te ruilen. De andere zwarte loper koos ervoor om terug naar zijn startveld te gaan omdat zijn taak op b4 er hoegenaamd op zat. Dit leverde voor het witte paard een mogelijkheid op om via b5 druk uit te oefenen op de zwarte damevleugel. Deze loper werd naar a3 gejaagd, waarna zwart het wel nuttig vond om de zwartveldige loper af te ruilen. Na enkele merkwaardige schermutselingen werd het pleit ineens beslecht doordat wit een stuk weggaf. 0-1
  
Valerie Janssen - Albert Kool 
Wit wist vrij snel controle over het centrum uit te oefenen. Zwart echter wist over de d-lijn veel kansen te creëren tegen een nog niet gerokeerde witte koning. Wit dreigde voor de bijl te gaan, maar vond een interessante voortzetting in de lange rokade. Zwart had echter nog altijd een veiliger koningsstelling en een gezondere pionstructuur. Door een onvoorziene toevalligheid in de stelling kon wit toch het uitstekende spel van zwart het hoofd bieden, omdat er plotseling een stuk verloren ging. De zwarte aanvalskansen tegen de witte koning legden daarna niet meer genoeg gewicht in de schaal, en wit trok van lieverlee aan het langste eind. 1-0
  
Hans Jan van Kralingen - Bauke Hoogland
Wit nam in deze partij veel ruimte in het centrum in beslag. Zwart stelde zich tevreden met iets minder ruimte en wachtte geduldig af tot er een goede gelegenheid kwam om het witte ruimtelijke voordeel teniet te doen. Wit werd door het surplus aan terrein overmoedig en dacht dwars door de defensie van zwart heen te kunnen breken. Hierdoor kwamen er echter gaten tussen de witte linies, en het was uitgerekend zwart die hiervan kon profiteren. Wit had weinig andere keuze dan toekijken hoe zijn stelling in een flink tempo uiteen gereten werd. Wit was wel zo sportief om zijn tegenstander aan het eind van de partij het mat te gunnen. 0-1
  
Jan Kommer - Davo van Peursen  
Wit ontwikkelde beide lopers naar de lange diagonalen. Zwart bezette in de tussentijd het centrum met pionnen op c5 en d5. Zwart sloot het centrum voor de zwartveldige witte loper op b2 af en ruilde zijn eigen zwartveldige loper voor een paard. De ruil van witveldige lopers zorgde ervoor dat zwart meer paarden had in een gesloten stelling. Meestal levert dit een voordeel op voor de paarden, en dit was in deze partij ook het geval. Wit ondervond dat paarden altijd verraderlijke beesten zijn en kwam na een langdurige strijd tegen het mijnenveld van de zwarte cavalerie uiteindelijk toch in een paardvork terecht. Hierdoor kon zwart een van de paarden ruilen voor een witte toren. Toen zwart er daarna in slaagde de lijnen naar wits koning open te breken, hield wit het voor gezien. 0-1
  
Hendrik Steffers - Edwin Mulders 
Zwart zette de koningsloper op de lange diagonaal en eiste met pionnen op c6 en d5 een aanzienlijke portie van het centrum op. Wit zette de dameloper buiten de pionstelling en handhaafde zijn pion op d4. Wit trok ten strijde op de damevleugel en bracht de a-pion naar a5. Zwart beantwoordde dit met een tegenactie in het centrum. De opening van centrumlijnen zorgde ervoor dat zwarts spel tot leven kwam. Na de ruil van enkele stukken wist zwart plotseling handig van zijn dame, toren en loper gebruik te maken en kwam ineens op f2 op bezoek. Enkele zetten later was de strijd in zwarts voordeel beslist.  0-1
  
Bas van der Berg - Thomas de Ruiter 
De zwartspeler, die dit seizoen tal van dames op een creatieve wijze over het bord smijt, ontwikkelde de loper naar de lange diagonaal en zette daarna de druk op het witte centrum met c7-c5. Wit ontwikkelde harmonieus en bereidde in alle rust een centrumdoorbraak voor. Zwart stuurde de dame op expeditie naar a6, waarvan zij niet meer terug kwam. Ter compensatie voor de dame kreeg zwart echter behoorlijk wat materiaal terug, maar wit bleef meer ruimte houden. Zwart had geluk dat de a-lijn open kwam voor de toren, maar de pech dat hij in een ver gevorderd eindspel met ongelijk materiaal iets over het hoofd zag waardoor wit er alsnog met de winst vandoor ging. 1-0
  
Rob Felix - Hans Knigge 
Wit koos voor een rustige aanpak van een interessante opening waarin wit een betere ontwikkeling had en zwart een betere pionstructuur. Door tegengestelde rokades kon aan twee kanten op koningsaanval gespeeld worden. Er werden wat stukken geruild, waarna wit nog altijd een betere ontwikkeling had en zwart nog altijd de betere structuur. Dit stellingsevenwicht bleef lange tijd gehandhaafd, en aan het eind resulteerde een toreneindspel waarin beide spelers nog drie pionnen over hadden. Ook hierin kwam het stellingsevenwicht niet in het geding, en remise was dan ook de logische uitslag. ½-½
  
Roel Leezer - Peter Gaemers 
Zwart lokte in deze partij snel de witte centrumpionnen naar voren om deze vervolgens aan te vallen. Hierbij was de centrale vraag of wit de centrumpionnen afdoende kon verdedigen, en of wit gebruik kon maken van de hoeveelheid tijd die zwart aan dit plan kwijt was. Zwart probeerde de witte stukken klem te zetten, maar wit bleef met een stevige centrumformatie zitten. Zwart vond het plan om de witte centrumpion op d4 aan te vallen met c5. Na ruil wist wit een paard op d5 te zetten. Zwart vond een handige manier om de toren op a8 in het spel te brengen door eerst de a-pion op te spelen en daarna met de toren erachteraan te gaan. Daarna was de stelling in evenwicht, en de partij eindigde dan ook in remise. ½-½
  
Stijn Gieben - Marco de Groot 
Wit pakte veel ruimte in het centrum, waar zwart op reageerde met een vlugge ontwikkeling. Zwart zette op een goed moment een pion in het centrum en wist daar een paard te handhaven.De partij kwam langzaam op gang, maar na verloop van tijd werd de vaart er meer in gezet. Wit kreeg in de verwikkelingen positioneel voordeel in de vorm van een betere pionstructuur. Maar met alleen goed staan is nog nooit een partij beslist. Een goed plan is noodzakelijk. Het werd een strijd waarvan de spanning significant gestegen was doordat beide spelers al na de opening onder de tien minuten bedenktijd zaten. Het materiaal bleef tot in het diepe eindspel gelijk. Beide spelers hadden een loper van gelijke kleur, een paard en vijf pionnen. Eerst werd een pion geruild. Toen een tweede. De lopers verdwenen van het bord. Wits koning was iets actiever dan de zwarte, maar de stelling zag er houdbaar uit. Toen beide partijen onder de 2 minuten zaten, nam jullie verslaggever de notatie over. Wit wist een pion op de koningsvleugel buit te maken, maar zwart had een vrijpion op de damevleugel. Wit moest met enkele secondes op de klok berekenen of het heilzaam was om het paard voor deze vrijpion te offeren. Hij schatte in dat dit zijn enige kans was om voor de winst te spelen. De zwarte koning stond ver verwijderd van het tumult op de koningsvleugel. Wit had een koning en twee pionnen, en zwart had alleen maar een paard om hiertegen te verdedigen. Wit slaagde erin het paard te vangen, en zwart kon met alleen de koning onmogelijk de witte vrijpionnen stoppen. Een intense eindstrijd op hoog niveau! 1-0
 
Michaël van Liempt
Vanavond waren er twee externe teams aan het schaken. Het Eerste regionale team speelde een uitwedstrijd, het Vierde speelde thuis. Door de afwezigheid van veel spelers waren er vanavond maar een paar partijen aan de gang.
  
Michaël van Liempt - Erik van Dop 
Met het Noteboom-toernooi van later deze week in het vooruitzicht speelden beide heren de Noteboom-variant. Wit offerde een pion voor open lijnen op de damevleugel en meer centrale controle, en speelde vroeg het paard naar e5 om aanvalskansen te creëren. Zwart ontwikkelde beide lopers en had veel pionzetten nodig om de pluspion te behouden. Wit offerde het paard om van de zwarte pionstelling niets meer heel te laten, waarna wits materiële achterstand prima gecompenseerd werd door een dynamisch overwicht en controle op de stelling. Hoewel de stelling spannend spel beloofde, beging zwart een pijnlijke onnauwkeurigheid. Deze kostte hem een stuk zonder dat de zwarte stelling er wezenlijk op vooruitging. Wit maakte het centrum onaantastbaar en won snel nog enkele pionnen, waarna zwart de vlag streek. 1-0
  
Peter Torczynski - Vincent Geerlings 
In een interessante strijd met een gesloten centrum trok zwart snel op de koningsvleugel ten strijde. Wit moest alle zeilen bijzetten om het zwarte initiatief de kop in te drukken. Zwart offerde een pion voor open lijnen, maar wit verdedigde zeer secuur. Door de ruil van de actieve stukken bleef wit weliswaar met een pion meer zitten, maar dit was een onbeweeglijke verdubbelde e-pion die wit geen voordeel opleverde. Daarom werd tot remise besloten. ½-½
  
Bart van Strien - Folmer Heikamp 
Zwart stelde de pionnen op d5 en e5 neer en ondersteunde deze pionnen met lopers op d6 en e6. Wit ontwikkelde efficiënt en hield de centrumpionnen voorlopig nog achter de hand om op het juiste moment de zwarte centrumcontrole te betwisten. Wit vond een interessante methode, waardoor beide spelers met een geïsoleerde centrumpion bleven zitten. De halfopen c- en e-lijn voor wit werden gecompenseerd door d- en f-lijn voor zwart. De stelling bleef in evenwicht, en de strijd eindigde in remise. ½-½
  
Hans Knigge - Thomas de Ruiter 
Na een compacte maar stevige centrumopstelling van wit tegen een dynamische maar ook effectieve formatie van zwart besloot wit de spanningen op te heffen en het centrum te sluiten. Dit had het effect dat een wit aanvalsplan flink wat tijd zou gaan kosten terwijl zwart iets efficiënter te werk kon gaan. Wit vond het juiste plan om op koningsaanval te spelen, terwijl zwart op de damevleugel een aanknopingspunt zocht. De vraag was wie van de twee eerder zou komen. Het antwoord was zwart. Na ruil van flink wat stukken wist zwart een pion buit te maken. Wit probeerde nog iets over de c-lijn te ondernemen, maar zwart had in de tussentijd een vrije a-pion weten te maken. Deze belandde uiteindelijk op a2, en wit kreeg het niet meer voor elkaar om de promotie van de pion, en daarmee verlies van de partij, te verhinderen. 0-1
  
Jelle Bulthuis - Stijn Gieben 
Wit offerde in de opening een pion voor vlugge ontwikkeling, waarbij het neveneffect was dat zwart met een ietwat losse koningsstelling bleef zitten. Na een interessante openingsstrijd kreeg zwart pionnen op e6, d5 en e4, terwijl wit zijn best deed de meer productieve ontwikkeling om te zetten in een ander voordeel. Na een grootscheepse afwikkeling bleef zwart nog altijd met een pion meer zitten, maar wits stukken waren nog steeds actiever. Wit won een pion terug, en zwart bleek voldoende tegenspel te ontwikkelen om de partij niet meer te hoeven verliezen. Omdat geen van beiden aan het eind concrete winstplannen had, werd tot remise besloten. ½-½
  
Doeke Huitema - Henk van der Tol 
Het centrum werd in een vroeg stadium half geopend. Hierdoor had zwart iets minder ruimte maar wel mogelijkheden om het witte ruimtevoordeel teniet te doen. Zwart vond met c5 het juiste plan, waardoor de verwikkelingen ontstonden. Nadat de dames van het bord waren en de stofwolken opgetrokken waren, stond wit een pion voor. Wit bleef de pluspion met hand en tand verdedigen en wist de stelling te vereenvoudigen. Na stukruil op c4 kreeg zwart er een probleem bij: wit kreeg een vrijpion. Toen wit deze vrijpion aan de wandel kreeg, was er voor zwart geen houden meer aan. 1-0
  
Timo van Peursen - Roger van Groesen
In deze opening werd snel de witte loper op f4 geruild. Dit verzwakte de witte structuur en de witte dynamiek, en wit moest het dan ook van de open e-lijn en van zijn ruimtevoordeel hebben. De c-lijn kwam open, en ondersteund door een goed paard op e5 en een sterke loper op b5 leek wit zich redelijk uit de brand te redden. Maar zwart wist de witte stukken gedecideerd terug te dringen en verorberde de witte d-pion. Wit bleef echter doorvechten en gaf zich niet zonder meer gewonnen. Na ruil van het halve bord wist zwart nog een tweede pion te bemachtigen, maar wit had goede hoop op remise doordat de stelling was verzand in een eindspel met ongelijke lopers. In het eindspel bleek zwart net niet voldoende aan zijn materiële surplus te hebben, en wits vechtlust werd beloond met een zwaarbevochten halfje.  ½-½
 
Michaël van Liempt
Voordat de 21e competitieronde begon, had ondergetekende een vervelende mededeling, die ik bij dezen volledig wereldkundig zal maken. Dit is mijn laatste seizoen bij S.G. Rijswijk. In de KNSB-competitie blijf ik wel voor het vlaggenschip spelen, maar volgend seizoen zal ik wegens een aanstaande verhuizing niet meer op de interne competitie- en de jeugdavond aanwezig zijn. Ik zal er nog een uitgebreid stuk voor het clubblad over schrijven, maar bij dezen zijn jullie allemaal op de hoogte. Ik heb negentien jaar met zeer veel plezier bij S.G. Rijswijk gespeeld, en het is met pijn in mijn hart dat ik de vereniging ga verlaten.
 
Het derde regionale team speelde vanavond een uitwedstrijd, dus het werd een rustige avond vanavond. Niettemin hadden we dertien partijen die aan de gang waren.
 
Roelof van Marle - Valerie Janssen 
In deze partij kwam reeds in een vroeg stadium de e-lijn open, waarna het belangrijkste strijdtoneel werd wie de e-lijn kon bezetten. Het afruilen van de dames maakte dat de partij snel een gelijke stelling opleverde. De partij werd dan ook remise. ½-½
  
Thomas de Ruiter - Rob van Helvoort 
Wit stelde een solide pionnenbolwerk op de witte velden op, waardoor zwart niet gemakkelijk door de witte stelling heen kon breken. Zwart stelde eenzelfde bolwerk op de zwarte velden op om wit met hetzelfde probleem op te zadelen. Toen het witte paard op d5 kwam en afgeruild werd, kwam de stelling dusdanig gesloten te staan dat remise overeengekomen werd. ½-½
  
Albert Kool - Edwin Mulders 
In deze partij ontwikkelden beide partijen snel de stukken. Vervolgens rokeerde wit naar de damevleugel en zwart naar de koningsvleugel. Met tegengestelde rokades wordt het altijd een scherpe strijd, en dat was ook in deze partij het geval. Zwart wist de c-lijn open te breken, en het venijnige Pc6-b4! gaf de zwarte aanval dermate veel vaart dat er voor wit al spoedig geen houden meer aan was. 0-1
  
Sebastiaan Ketting - Henk van der Tol 
Wit stelde in deze partij een stevige pionnenstelling op. Zwart vond met c7-c5 een effectieve manier om de witte centrumstelling aan te vallen. In de verwikkelingen kreeg zwart een pion en wist de witte koningsvleugel te verslechteren door een ruil op f3, maar kreeg wel een wit initiatief over zich heen omdat de zwarte koning op de damevleugel stond. Zwart ruilde echter handig alle gevaarlijke witte stukken af en zette zelf de aanval in. Wit had geen antwoord op het zwarte initiatief en verzoende zich met verlies. 0-1
  
Jan Kommer - Hendrik Steffers 
Wit stelde in deze partij de loper op g2 op en zette druk op de witte velden. Zwart nam de uitdaging aan en versterkte de centrumstelling. Door een onnauwkeurigheid in de verdediging wist zwart de witte d-pion op te ruimen. Deze pion bleek essentieel voor het bijeen houden van de witte stelling, want kort erna verliest wit nog meer materiaal. Wit trok tenslotte ten aanval, maar zwart wist de aanval af te slaan en een stuk voor te blijven. Hierna had zwart er geen moeite meer mee om het materiële overwicht in winst om te zetten. 0-1
  
Stijn Gieben - Hans Hulshof 
Wit wist in deze partij met een truc, die stamt uit de tijd van Tarrasch, een pion buit te maken en de zwarte pionstructuur op de damevleugel te verslechteren. Hiervoor had wit echter wel het loperpaar opgegeven, wat zwart een belangrijke troef gaf. Zwart wist maximaal van deze troef gebruik te maken en zette de aanval in. Op een voor mij onduidelijke manier eindigde dit spektakel in remise. ½-½
  
Peter Ketting - Mireille Rubert 
Wit trok in deze partij snel ten aanval op de koningsvleugel. Zwart offerde een stuk tegen twee pionnen om de aanval een halt toe te roepen. Vervolgens was het de beurt aan zwart, die met de fraaie pionzet ...e5! het witte centrum openbrak en ten strijde trok tegen de witte koning. Zwart won het geofferde stuk terug en bleef een pion voor, maar had hier flink veel tijd voor verbruikt. Wit verdedigde prima en wist de druk op de stelling te verlichten door de dames te ruilen. In de resterende stelling had wit een c-pion die er keihard vandoor ging en de winst voor wit veiligstelde. 1-0
  
Folmer Heikamp - Peter Torczynski 
Wit besloot al vroeg op f6 een loper te ruilen om de zwarte pionstructuur te verslechteren. Dit leverde zwart echter een extra bescherming rond de koning op. Intussen pakte zwart op de damevleugel veel ruimte. Wit besloot op de koningsvleugel aan te vallen en leek kansen te krijgen, maar zwart had nog altijd meer materiaal en wist het paard op h2 te pennen. De complicaties rond zwarts koning leken gevaarlijker dan ze daadwerkelijk waren, en zwart ging er dan ook met de winst vandoor. 0-1
  
Michaël van Liempt - Harry van der Stap 
In deze partij kreeg wit een halfopen e-lijn tegen een halfopen c-lijn voor zwart. Zwart speelde de paarden naar de koningsvleugel en was er aanvankelijk op uit om de witte loper in te sluiten, maar wit verhinderde dit met tegendreigingen rond de zwarte koning. Om geen materiaal te verliezen moest zwart de rokade opgeven. Dit stelde wit in staat om de stelling op de damevleugel te openen, wat voor zwart extra gevaarlijk was omdat veel van de zwarte stukken werkloos aan de andere kant van het bord stonden. Wit wist een pion buit te maken en kreeg de controle over de c-lijn, waardoor wit de zwarte stelling in kon komen. Toen vervolgens ook nog een zwart paard in de eigen stelling ingesloten raakte, geloofde zwart het wel. 1-0
 
Jelle Bulthuis - Atze Metz 
In deze partij werden beide koningslopers op de lange diagonaal geposteerd en rokeerden beide koningen naar dezelfde kant. Er werd in een vroeg stadium zetten herhaald, maar de stelling was nog lang niet rijp voor remise. Zwart trok op de koningsvleugel ten strijde en offerde een toren voor een stuk en extra aanvalskansen. Door een slim pionoffer kwam de zwarte loper op g7 tot leven. Ondanks dat er geen directe winst gevonden werd, leek het voor wit de verkeerde kant op te gaan. Wit wist uiteindelijk het vege lijf te redden door een scherpe zet op het kritieke ogenblik te spelen en deze van een tactisch remisebod vergezeld te laten gaan. ½-½
 
Alexander Cupido - Bas van der Berg 
Wit pakte veel ruimte in het begin, terwijl zwart een stevige centrumstelling overhield. De zwarte dameloper posteerde zich op de meest actieve diagonaal en stond een wit initiatief op de koningsvleugel vervelend te verhinderen. Wit offerde daarom een pion en later nog een, en trok gretig ten strijde tegen de zwarte koning, die lang in het centrum bleef. Toen het zwart uiteindelijk te heet onder de voeten werd, rokeerde zwart naar de damevleugel. Wit kreeg twee open lijnen, maar stond op den duur drie pionnen achter. Daardoor moest wit op complicaties blijven spelen. In overeenstemming met de eisen van de stelling offerde wit nog maar een kwaliteit, want de zwarte koningsvleugel was nog altijd niet ontwikkeld. Om de aanval in kracht te doen verminderen offerde zwart een kwaliteit terug. Het witte paard kon vervolgens flink wat pionnen ophalen, en na de prachtzet Pxg7! had zwart niet veel andere keus dan de dames te ruilen en zich tevreden te stellen met remise. ½-½
  
Peter Gaemers - Vincent Geerlings 
Zwart ruilde al in een vroeg stadium op f3 de loper om de witte pionstructuur op de koningsvleugel te verstoren. Hierna kwam zwart met e5 en Dd8-a5 om druk op het witte centrum uit te oefenen. Wit wist de dames te ruilen en behield het loperpaar. Wit ruilde het voordeel van het loperpaar in tegen een permanent versnipperde zwarte pionstructuur op de damevleugel. Wit kreeg ondanks (of dankzij) de aanwezigheid van ongelijke lopers een stevig initiatief tegen de losse pionnen. Zwart zette de loper op d4 neer, maar deze was wel gepend. Deze penning kostte zwart een pion, en na een technisch ingewikkelde klus lukte het wit om het materiële voordeel te verzilveren. 1-0
  
Bart van Strien - Marco de Groot 
Beide koningslopers kwamen in deze partij op de lange diagonalen terecht. Wit maakte met e4/d3/c4 een mijnenveld van de witte velden in het centrum. Zwart zette het paard op d4 neer, en na ruil ontstond een compleet gesloten stelling waarin het voor geen van beide meer gemakkelijk was om progressie te boeken. "Getouwtrek" geeft ongeveer weer hoe de rest van de partij verliep; beide spelers probeerden een plan uit te voeren, wat iedere keer resulteerde in stukkenruil. Beide spelers kwamen echter steeds verder in tijdnood, en het was uiteindelijk zwart die hiervan wist te profiteren. 0-1
  
Michaël van Liempt
Het Tata Steel Chess Tournament in Wijk aan Zee is aan de laatste week begonnen. De Nederlanders doen het in de hoogste groepen nog altijd uitstekend, en Giri houdt perspectieven op de eindzege. Opvallend is dat relatief veel partijen op het hoogste niveau door zwart gewonnen worden. Er werd al gegrapt dat zwart het nieuwe wit is, maar dat is uiteraard onzin. Wit is gewoon niet meer wat het geweest is. Of mag je dat tegenwoordig ook al niet meer zeggen?
Het heeft er alle schijn van dat ze bij Tata Steel hebben afgekeken van onze interne competitie, want jullie verslaggever merkt dat er de laatste weken in de interne competitie veel partijen in 0-1 eindigen. Vorige week waren dit er 6 van de 12, met 5 partijen die in remise eindigden. En ook deze week was zwart weer beduidend in het voordeel.
 
Roelof van Marle - Hans Jan van Kralingen
 In deze partij werd bewezen dat de reputatie van een openingsopzet niets hoeft te betekenen voor het spelverloop. De openingsopzet was zeer rustig, met beiderzijds harmonieuze ontwikkeling en geen aantoonbare zwaktes. Zwart kreeg echter al vroeg in de partij de gelegenheid om de loper op b3 voor een paard te ruilen, waardoor zwart langdurig van het loperpaar kon genieten. Wit liet zich daarna verleiden om op de aanval te spelen, maar het was eveneens zwart die hiervan wist te profiteren. Na een stukoffer leek wit wat tegenspel te krijgen, maar de open h-lijn kwam uitgerekend zwart goed uit. De tegenaanval die met een fraai loperoffer op h3 werd ingeluid, stond zo hoog op de Schaal van Beaufort dat van wits koningsstelling al spoedig niets meer overbleef.  0-1
  
Peter Ketting - Tomás Gallardo Bañez 
In deze opening zette wit eerst een bolwerk op de zwarte velden neer. Dit werkte zeer goed bij het inperken van de activiteit van zwarts koningsloper, die op de lange diagonaal tegen een blok beton aan zat te kijken. Wit trok tevens ten aanval op de koningsvleugel met een snel opspelen van de h-pion. Zwart had met h7-h5 een sterke horde opgeworpen. De tijd die wit nodig had voor het opruimen van deze blokkade gebruikte zwart om met c7-c5 een tegenactie tegen het witte centrum op touw te zetten. Toen wit na verloop van tijd lang gerokeerd had, hing een interessante tweefrontenoorlog in de lucht, waarin de speler die het eerst komt ook vaak het eerst maalt. De witte aanval op zwarts koningsstelling liep dood doordat zwart zich sterk verdedigde. Daarna was het de beurt aan het zwarte offensief. Zwart kreeg het voor elkaar om materiaal te winnen, waarna de witspeler zich gewonnen gaf. 0-1
 
 Joanna van Schaïk - Doeke Huitema
In deze partij kreeg wit een halfopen c-lijn en pionnen op d4 en e3 tegen een halfopen e-lijn met pionnen op d5 en c6 voor zwart. Aangewezen was voor wit om op de damevleugel te spelen, terwijl zwart moest proberen op de koningsvleugel ten strijde te trekken. Wit mat zich echter een ander plan aan en speelde met de loper op g5 en het paard op e5 op aanval op de koningsvleugel. Zwart wist het paard op e4 te zetten en dwong wit hierdoor om enkele stukken te ruilen. Wit bleef echter ambities op de koningsvleugel najagen en wilde met f2-f4 de aanval nieuw leven inblazen. Dit had echter tot gevolg dat er gaten tussen de linies vielen: naast de pion op e3 werden ook alle witte velden op de koningsvleugel en in het centrum chronisch verzwakt. Zwart maakte hier handig gebruik van en won materiaal. Wit bleef echter op aanval duwen, maar ging toch strijdend ten onder toen zwart na afdoende verdediging met de toren over de e-lijn binnen kwam. 0-1
  
Rob van Helvoort - Alexander Cupido  
Wit stelde zich rustig op met druk op de witte centrumvelden middels een pion op c4, een loper op g2 en een paard op c3. Zwart drukte in de tussentijd met een gespiegelde opstelling tegen de zwarte centrumvelden. Het karakter van de stelling werd veranderd toen wit een paard op d5 zette en zwart dit afruilde, waardoor wit meer ruimte had verkregen. Zwart had echter nog voldoende tegenspel in de actief opgestelde stukken richting de damevleugel, alsmede minimaal gelijke kansen over de c-lijn. Wit besloot het ruimtevoordeel in te zetten om een aanval op te bouwen. Met f2-f4 legde wit een sterke kaart op tafel. Maar ook op de koningsvleugel had zwart genoeg tegenspel met Pg4, waarmee zwart de belangrijke witte loper op e3 dreigde te ruilen. Het getouwtrek om aanvalskansen op de koningsvleugel resulteerde in zetherhaling en dus remise. ½-½
  
Hans Hulshof - Michaël van Liempt
In deze partij ruilde wit al vroeg een loper voor het paard op f6. Hierdoor kreeg wit wat ruimtevoordeel en mogelijkheden om het centrum met de pionzet e4 te versterken. Zwart had in de tussentijd het loperpaar verkregen en had ook na dameruil nog legio mogelijkheden om de stelling te compliceren. Met een enthousiast f7-f5 en c6-c5 wist zwart een pion te bemachtigen, die niet zonder meer teruggeslagen kon worden. Maar de positionele schade die zwart met dit roekeloze spel aan zijn eigen stelling had toegebracht, was enorm: de communicatie tussen de zwarte stukken was ver te zoeken, wit kon een paard op het prachtige centrumveld e5 handhaven, en wit had een pionnenmeerderheid op de damevleugel. Bovendien ging de zwarte pion op d4 nergens heen en kon wit de pion consumeren op elk gewenst moment. Op het moment dat de stelling het meest complex geworden was, bood zwart dan ook remise aan. Dit werd door een steeds verder teruglopende witte klok geaccepteerd, maar beide partijen waren het erover eens dat zwart eigenlijk voor de bijl had moeten gaan. ½-½
 
 Bauke Hoogland - Roel Leezer
 In deze partij ontstond een symmetrische stelling met tal van mogelijkheden aan twee kanten om de situatie in het centrum te wijzigen. Zwart koos ervoor met Lxc3 de witte c-pion te verdubbelen met de bedoeling om later de druk op deze pionnen op te voeren. Wit wilde de loper op b7 insluiten met d4-d5, maar deed hiermee de concessie dat alle rek uit de witte pionstructuur verdween en de twee c-pionnen naar hartenlust konden worden aangevallen. Met La6 en Pa5 werd de druk op c4 opgehoogd. Toen zwart daarna ook nog met het andere paard op e5 wist te komen, was de pion ten dode opgeschreven. Echter overzag zwart in een fractie van een seconde een penning, waar wit dankbaar gebruik van kon maken en een toren mee mocht nemen. Daarna was het direct afgelopen. 1-0
  
Thomas de Ruiter - Peter Gaemers
Wit pakte in deze partij al in een vroeg stadium veel ruimte in het centrum met pionnen op d4, e4 en f4. Zwart veranderde de situatie in het centrum met een vroeg d5 en speelde de h-pion door naar h4. Nadat enkele stukken geruild werden, bezette zwart de open gekomen h-lijn met een toren. Wit kreeg hiervoor een open g-lijn tegen de zwarte koning en wist met de zet f4-f5! de zwarte stelling onder vuur te nemen. Zwart moest aan de noodrem trekken, en na een grootschalige afwikkeling hield wit een pion meer over. Met twee torens en een loper tegen twee torens en een paard bleek de pluspion machtig genoeg om het zwarte paard op te halen, en ook na verdere afwikkelingen bleef wit met een stuk meer zitten. Doordat er nog pionnen aanwezig waren, was dit stuk meer voldoende voor de winst. 1-0
 
Bas van der Berg - Jerrel Thakoerdien 
Zwart tastte de witte centrumstelling aan met c7-c5, waarna wit besloot om met d4-d5 de ruimte in het centrum te pakken. Wit liet na om de zwarte loper met h2-h3 in te perken, zodat deze zich tegen een paard kon ruilen. Zwart kreeg hierdoor iets meer ademruimte en kon iets ondernemen op de damevleugel. Wit wilde in de tussentijd op de koningsvleugel iets ondernemen, maar werd al snel genoodzaakt om op de damevleugel in actie te komen. Nadat zwart met breekzet b5 in de stelling had gegooid, kwam de a-lijn open voor de witte toren. Wit verdubbelde de torens op de a-lijn en nam de pion op d6 onder schot. Zwart bood zijn dame aan tegen twee witte torens, een ruil die wit zich niet kon veroorloven. De situatie op de damevleugel bleef enorm complex, en na verloop van tijd kreeg zwart het voor elkaar om een kwaliteit te winnen. De pionnen die wit ter compensatie had, werden een voor een geneutraliseerd. De binnenkomst van de zwarte dame betekende dat er voor wit weinig anders op zat dan capitulatie. 0-1
 
Folmer Heikamp - Erik van Dop
Wit, die vanavond voor het eerst op de vereniging was, bood in een vroeg stadium al een paardenruil op c3 aan. Weliswaar werd hierdoor de witte pionstructuur iets verslechterd, maar er ontstonden voor wit twee aantrekkelijke open centrumlijnen en een gemakkelijke ontwikkeling van de witte lopers tegenover. Bovendien kon de extra c-pion een extra borstplaat voor de witte koningsstelling betekenen indien wit ervoor zou kiezen om lang te rokeren. Hoewel in dit systeem wit meestal lang rokeert en zwart kort, was het ditmaal andersom. Dit resulteerde in een interessant middenspel waarin de voor- en nadelen van de ruil op c3 heel anders uitvielen. Na ruil van enkele stukken wist wit de pion op f7 te consumeren. Het loperpaar zou compensatie moeten bieden, maar al zwarts stukken stonden nog op de onderste rij. De ruil van een licht stuk en een paar torens verkleinde de betekenis van dit stellingsprobleem, maar zorgde er tevens voor dat de witte pluspion ook van grotere betekenis dreigde te worden. Zwart wist echter de stelling aanzienlijk te compliceren, en maakte gebruik van de afwezigheid van zijn f-pion door de zware stukken op de f-lijn te verdubbelen. Toen de stofwolken opgetrokken waren, was er een gelijk lopereindspel ontstaan dat twee kanten op kon gaan. Ook in de analyse kwamen we er niet uit wie nou uiteindelijk de beste kansen had, maar aan het eind van de partij trok zwart aan het langste eind. 0-1
 
Timo van Peursen - Henk van der Tol
Wit stelde een rustig bouwwerk op de zwarte centrumvelden op en kwam op een zorgvuldig voorbereid moment met de centrumdoorbraak e3-e4. Na ruil op e4 had wit een ruimtelijk voordeel. Zwart moest een plan verzinnen om het witte ruimtelijke voordeel teniet te doen. Het leek er lange tijd op dat zwart dit met e6-e5 wilde aanpakken, maar uiteindelijk koos zwart ervoor om met f7-f5 tegenspel te zoeken. Dit was een verplichtende zet die de pion op e6 langdurig verzwakte, waar wit met Lb3 en Pg5 sterk op drukte. Zwart was genoodzaakt een passieve stelling in te nemen, en de ruil van de witveldige loper tegen het witte paard op f3 zorgde ervoor dat wit met Dh5 aan koningsaanval kon denken. Zwart zocht heil in het ruilen van enkele lichte stukken en kreeg hierdoor iets meer ademruimte. Wit had echter nog altijd de zwakke pion op e6 om de aandacht op te richten, en de witte zet d4-d5 leek de kroon op het werk. Maar zwart wist de dames te ruilen en kreeg steeds meer tegenspel. Toen de witte d-pion in de verwikkelingen verloren ging en zwart het initiatief inmiddels overgenomen had, werd de zwarte strijdlust beloond met de winst van een stuk en kort erna ook de partij. 0-1
 
Hans Knigge - Jan Kommer 
Zwart pakte in deze partij onmiddellijk het weinig ambitieuze witte centrumspel aan met een vroeg d7-d5. Hierdoor werd wit gedwongen om de centrumformatie ingrijpend te veranderen op een manier die voor zwart goed uitkwam. Wit had er veel tijd voor nodig om de pionnen op d4, e5 en f4 te zetten, en zwart was er als de kippen bij om dit witte centrum nog verder aan te tasten met de twee principiële breekzetten c7-c5 en f7-f6. Wit liet ruil op e5 toe, waardoor de f-lijn open kwam. Wit probeerde spel te zoeken op de damevleugel, maar speelde de a-pion zo ver door dat er geen doorkomen meer aan was. Dit was mede te danken aan de ijzersterke opstelling van het zwarte paard op c4, dat niet zonder meer van het bord kon verdwijnen. Intussen stonden de zwarte stukken klaar om op de koningsvleugel in te grijpen, waarvoor de gelegenheid mede mogelijk gemaakt was door de inmiddels werkloze opstelling van vrijwel al wits stukken op de damevleugel. Zwart kon straffeloos de witte pion op f2 soldaat maken en bleef aanvankelijk fraaie aanvalskansen hebben. Maar wit wist van een aantal kleine onnauwkeurigheden in de zwarte aanvalsvoering gebruik te maken om het initiatief over te nemen, waarna de kansen keerden. Een goede vechtpartij van beide spelers, maar uiteindelijk trok wit dus toch aan het langste eind. 1-0
 
Atze Metz - Marco de Groot
Wit stelde een stevig bolwerk op de witte velden op, met pionnen op f3, e4, d5 en c4. Zwart had hiertegenover pionnen op e5, d6 en c5 gezet, zodat het centrum muurvast stond. Het zwarte paard op a5 stond ietwat verdwaald, maar er ging genoeg dreiging van het beestje uit om wit ertoe over te halen om niet lang te rokeren. Na wat getouwtrek werd het paard tegen een witte tegenhanger geruild, waarna wits ruimtelijk voordeel nog altijd zichtbaar was. Na een vroegtijdige ruil van de dames kreeg zwart het andere paard op f4 en opende met b7-b5xc4 de b-lijn voor de torens. Dit speelde echter niet zwart maar wit in de kaart, die meer initiatief kreeg tijdens dit middenspel zonder dames doordat zowel de loper als het paard over het stopveld c4 konden beschikken. Zwart probeerde de stelling te vereenvoudigen, waardoor het moeilijker zou zijn voor wit om het eindspelvoordeel te realiseren. Wit kreeg de gelegenheid om de pion op d6 onschadelijk te maken, waarna pion e5 ook ten dode opgeschreven was. In het diepe eindspel ging wit ietwat onhandig met de verbonden vrije centrumpionnen om, waardoor zwart de kans kreeg om de stelling in evenwicht te brengen. Maar dankzij een vreemde verwikkeling onder invloed van groeiende tijdnood overzag zwart een kleinigheidje, waardoor wit toch nog een stuk en de partij wist te winnen. 1-0
  
Michaël van Liempt
 
 
Vanwege onder meer de aanvang van het Tata Steel Chess Tournament (voorheen het Corus Schaaktoernooi en daarvoor het Hoogovens Schaaktoernooi) in Wijk aan Zee was het vanavond een iets rustiger avond dan normaal. Enkele van ons gaan nog in Wijk aan Zee een toernooi spelen, en enkele gaan er nog een paar dagen heen om het grootmeesterspektakel gade te slaan.
Met 12 partijen was er echter meer dan genoeg spektakel ook in de interne competitie van S.G. Rijswijk.
 
Roelof van Marle - Peter Ketting 
In deze partij werden de e-pionnen snel tegen elkaar geruild. Wit had door het drukkende spel van zwart moeite om een effectieve verdedigingsopstelling in te nemen. Zwart won in de verwikkelingen een kwaliteit, waarna wit iets meer ademruimte kreeg. Wit wist een koningsaanval op touw te zetten, maar deze was veel minder gevaarlijk dan op het eerste gezicht leek. Zwart overleefde de aanval, waarna het materiële overwicht de doorslag gaf. 0-1
 
Hans Jan van Kralingen - Doeke Huitema 
In een opening waarin zwart koos voor minder ruimte maar een stevige positie, besloot wit direct om veel ruimte te pakken in het centrum en op de koningsvleugel. Zwart stelde de tegenaanval tegen het witte centrum met de zet c7-c5 echter iets te lang uit. Wit kreeg hierdoor de tijd om met e4-e5 de druk op te voeren, waardoor zwart ineens voor zijn leven moest vrezen. Zwart besloot op f3 een kwaliteit te offeren, maar het witte aanvalsspel werd hier niet door afgezwakt. De aanval liep gesmeerd verder, en het duurde dan ook niet lang voordat zwart besloot om de strijd te staken.  1-0
 
Frans Hoynck van Papendrecht - Michaël van Liempt
In deze partij legde wit binnen enkele zetten de kaarten op tafel: met een vroeg f2-f4 liet wit doorschemeren dat het aanvalsplan de zwarte koningsvleugel betrof. In ruil hiervoor kreeg zwart iets meer ruimte in het centrum. Wit besloot met Pf3-e5xc6 de zwarte pionstructuur te verslechteren en leek de verdubbelde c-pion als een nieuw doelwit op de korrel te willen nemen. Zwart kreeg echter de gelegenheid om met e7-e5 de e-lijn te openen en aanvalskansen op te bouwen. In de verdediging overzag wit dat de zwarte dame op h4 een dubbele aanval kon geven. Direct daarna kwam het zwarte legioen over de koningsvleugel binnen. Wit ruilde het vervelende paard op e5, maar hier kwam een toren voor terug. De aanwezigheid van ongelijke lopers maakt dat de aanvalskansen vrijwel zeker doorslaan, en zo geschiedde ook in deze partij. De zwarte dame op g3 en de toren op g5 werkten goed met de loper op e3 samen om het matnet rond de witte koning dicht te knopen. 0-1
  
Albert Kool - Peter Gaemers
Zwart had in deze partij een stevig bolwerk op de witte centrumvelden neergezet, waardoor de witte loper op g2 tegen een betonnen muur aan zat te kijken. Door ruil van een paard op g6 kreeg wit het plan om met de h-pion de stelling open te breken. Zwart moest hierdoor in het centrum en op de damevleugel aan de noodrem trekken en wist met de loper een penning tegen het ongedekte paard op c3 te brengen. Na een langdurig getouwtrek kwamen er voor beide partijen wat mogelijkheden in het centrum. Wit leek ook op koningsaanval af te kunnen stevenen, maar op een raadselachtige manier verdampte ineens de helft van de witte stukken. 0-1
  
Henk van der Tol - Bauke Hoogland 
In een stelling waarin zwart bedacht had om tegen de witte velden te spelen, zette wit de loper op g2 neer. Zwart kreeg echter iets meer ruimte in het centrum en wist iets handiger de stukken te ontwikkelen. Wit maakte aanstalten om met d2-d4 ruimte in het centrum te pakken, maar hiertoe kwam het niet. Zwart trok met g5 ten strijde tegen de witte koning. De witte dame kwam weliswaar op h5, maar had geen contact met hulptroepen om een aanknopingspunt te belegeren. Zwart was intussen met de toren op d3 gekomen en viel val opzij de witte koningsvleugel aan. De samenwerking van de toren met de lopers op f5 en c5 en de dame op e5 brachten een snelle beslissing in het voordeel van zwart. 0-1
  
Rob Felix - Joanna van Schaïk
In een dichte stelling waarin zwart de aandacht richtte op de zwarte velden in het centrum, pakte wit de witte velden. De stelling leek lange tijd in evenwicht, maar zwart had met de samenwerking tussen loper en dame de witte loper op g2 weten te ruilen en had hierin een aanknopingspunt voor een aanval weten te kweken. Wit richtte intussen de aandacht op de damevleugel en verdubbelde de torens op de b-lijn. Zwart was genoodzaakt om hierop te reageren. Wit kreeg vervolgens de gelegenheid om de torens te ruilen, waarna zwart iets meer zwakke pionnen overhield. Wit liet vervolgens echter de loper insluiten, waardoor zwart ineens voor de winst kon gaan. Nadat de dames geruild waren, had wit geen tegenkansen meer en werd het materiële overwicht langzaam maar zeker beslissend. 0-1
  
Bas van der Berg - Rob van Helvoort 
In een klassieke partij kreeg wit meer ruimte in het centrum en op de damevleugel, en zwart probeerde om wat meer ruimte en aanvalskansen op de koningsvleugel te pakken. Wit speelde de dame naar b3, maar kon niet direct een aanknopingspunt vinden. Na een brede vereenvoudiging van de stelling wist wit een pion op d6 te krijgen, maar deze kon worden geruild. In de resterende stelling had wit het loperpaar, maar zwart had te weinig zwaktes om gebruik van te kunnen maken. Ruil van enkele pionnen leverde voor geen van beide spelers een wezenlijke verbetering van de stelling op, en de partij eindigde dan ook in remise. ½-½
  
Harry van der Stap - Alexander Cupido 
In deze partij probeerde zwart de stelling al in een vroeg stadium te compliceren. Wit koos ervoor om deze complicaties niet toe te laten en daarentegen een rustiger speltype na te streven. Dat lukte prima: de zwarte loper strandde voor lange tijd op h5, en tegenover het zwarte paard op e4 had wit de dame op b3 neergezet om voldoende druk op de zwarte damevleugel uit te oefenen. Lange tijd gebeurde er niets. Er werden hier en daar wat stukken geruild, en zwart wist iets meer ruimte en een loper tegen een paard over te houden, maar wit bleef stevig overeind staan. Zwart probeerde met g5 en h5 op aanval te spelen, maar toen de loper tenslotte geruild was en de zwarte aanval onvoldoende perspectief op winst bleek te bieden, werd remise overeengekomen. ½-½
  
Marco de Groot - Jelle Bulthuis 
In deze partij pakte wit van meet af aan alle ruimte waar hij de handen op wist te leggen. Zwart zette een tegenactie in het centrum op touw door met c5 de witte d-pion te bevragen. De stelling werd het minst duidelijk toen beide spelers lang besloten te rokeren. Het was zeer de vraag wie er beter uit de stelling wist te komen.Nadat de stelling iets meer open was geraakt en beide partijen nog altijd geen winstplan hadden weten te bereiken, werden de dames geruild. Daarna bleef wit er het meest enthousiast voor te willen gaan. Hierdoor liep wit ook het meeste risico: zwart wist in een stelling met toren en paard tegen wits toren en loper een pion buit te maken en kreeg de gelegenheid om met zijn g-pion ver naar voren te schuiven. Wit had echter een sterke troef in de activiteit van de toren, die enkele pionnen buit wist te maken en een vrije h-pion kon creëren. Dit leverde zoveel tegenspel op dat zwart zich genoodzaakt voelde om de partij remise te geven. ½-½
  
Vincent Geerlings - Hendrik Steffers 
In een opening waarin wit een pion offerde voor vlugge ontwikkeling, streefde zwart een ander plan na. Zwart gaf de pion terug om op lange termijn de witte pionstructuur te verslechteren. Hiervoor had zwart echter zijn loper zwartveldige loper voor een paard geruild, waardoor de zwarte velden in de zwarte stelling een zekere zwakte begonnen te vertonen.Wit gaf alsnog een pion om ervoor te zorgen dat het loperpaar veel actiever bleef dan de nog niet ontwikkelde zwarte stukken. Zwart bleef lange tijd wat meer in de verdrukking staan, maar wit kon niet verhinderen dat zwart uiteindelijk de ontwikkeling kon voltooien. Daarna waren de kansen min of meer gelijk, en om de stelling nog wat onbalans te geven ruilde wit af tot een eindspel met beiderzijds twee torens en een loper van ongelijke kleur. Het getouwtrek duurde daarna behoorlijk lang, maar geen van beiden wist een goed aanknopingspunt voor een winstplan te vinden.
½-½
 
 Bart van Strien - Thomas de Ruiter
 In deze partij werden de c-pionnen al vroeg tegen elkaar aan geschoven. De paarden nestelden zich op respectievelijk d5 en d4, maar er zat nog niets concreets in de stelling. Plotseling werd de stelling echter complex: wit kreeg uit de verwikkelingen een dame, maar zwart kreeg er een toren en een paard voor terug. Vooral de loper op f6 deed nuttig werk in het bestrijken van de lange diagonaal. Bovendien bleef de witte koning vooralsnog in de gevarenzone. Wit leverde een derde stuk in om met de koning te kunnen vluchten en kreeg een gevaarlijke vrije c-pion. Die wist wit naar de overkant te brengen, waardoor zwart weer een stuk moest teruggeven. Er resteerde een eindspel waarin wit een dame, een loper en twee pionnen had tegen een toren, een loper, een paard en vier pionnen. De zwarte koning stond volledig veilig, dus wit had geen winstkansen meer. Zwart had echter nog wel iets om voor te spelen: de witte koning was kwetsbaar, en bovendien moest wit het doen met veel te weinig tijd. Zwart gaf niets weg en bleef met dreigingen werken, waardoor wit van lieverlee door zijn vlag ging. 0-1
 
 Jerrel Thakoerdien - Stijn Gieben 
In een opening waarin wit ruimte pakte in het centrum en zwart op de koningsvleugel aan de slag wilde, kreeg wit op zet 7 een interessante en enigszins obscure zijvariant voorgeschoteld. Zwart pakte deze variant op een originele manier aan en leek meer ruimte in het centrum te krijgen. Wit counterde echter met een goed getimed e4! en wist de druk op de zwarte stelling met Lg5 te vergroten. Zwart besloot om met f5-f4 op koningsaanval te spelen, maar wit was eerder met het plan op de damevleugel. Hierdoor moest zwart alle zeilen bijzetten om wit geen toegang tot de stelling te bieden. Zwart wist de stelling hier op het nippertje dicht te houden met een goed getimed b7-b5. Het verdwijnen van de zwarte d-pion tegen de witte c-pion bood voor de zwarte loper de gelegenheid om op d6 te gaan staan en daar heel nuttig de c-pion in de gaten te houden. Zwart had weliswaar veel tijd nodig om de stelling bij elkaar te houden, maar het resultaat was dat er een vesting was ontstaan waar wit niet meer doorheen kwam. Er werd langdurig halma gespeeld, want wit liep geen risico en had dus alle tijd om te proberen om zwart op het verkeerde been te krijgen. Toen de dames geruild waren, bleef de stelling in hetzelfde statische evenwicht staan. Toen het duidelijk werd dat er voor beiden écht geen doorkomen meer aan was, werd wijselijk tot remise besloten. ½-½
 
Michaël van Liempt
 
 
 

Een drukke avond, maar niet vanwege de interne competitie. In de L-zaal speelden het tweede en het vierde team een externe wedstrijd. Niettemin werden er negen partijen voor de interne competitie gespeeld.

Hendrik Steffers - Albert Kool

In een rustige openingsopzet met een stevig wit bolwerk op de zwarte velden en een loper op f4 besloot zwart al vroeg in de partij op aanval te spelen door met h7-h6 en g7-g5 achter de loper aan te jagen. Toen de loper even later geruild was, besloot zwart het centrum met e6-e5 open te breken. Helaas had wit het sterke Pxd5 achter de hand, waardoor wit snel tot aanval kwam tegen een nog niet gerokeerde zwarte koning. De aanval was oersterk en bezorgde wit al snel het volle punt.  1-0

Peter Ketting - Rob Felix

In een normaal rustige stelling besloot wit al in een vroeg stadium met g2-g4 de aanval in te zetten. Zwart had pionnen op c5 en d5 neergezet en opende voor zichzelf de c-lijn. Vervolgens vatte hij het witte plan bij de horens door f7-f5 te spelen. Hierdoor kwam de f-lijn open, en na een stukruil op e4 kreeg zwart behalve de f-lijn definitief alle witte centrumvelden in handen. Daartegenover had wit de zwarte centrumvelden stevig onder controle. Toen na dameruil de f-lijn door zwart sterk bezet was, moest wit met hand en tand verdedigen om de stelling bij elkaar te houden, maar uiteindelijk kreeg wit waar hij voor gewerkt had.  ½-½

 

Roger van Groesen - Frans Hoynck van Papendrecht

In deze partij besloot zwart flinke druk op de witte centrumvelden uit te oefenen door pionnen op f5 en e6 te zetten en later een paard naar e4 te spelen. Wit wist dit paard op te ruimen, waarna zwart een open f-lijn kreeg.

Wit bouwde vervolgens een goed gecoördineerde stelling op. Nadat het centrum open kwam, werd de stelling complex, maar beide spelers speelden zorgvuldig hun kaarten. Na de liquidatie had zwart een iets actievere samenwerking tussen toren en dame, maar wel een iets minder veilige koningsstelling en drie versnipperde pionnen. Wit ging echter te ver en liet de eigen koning onbeschermd, zodat zwart plotseling zijn kans zag om een directe mataanval tegen de witte koning te ontketenen. 0-1

Jelle Bulthuis - Tony Goudriaan

In een strategisch gevecht raakten de c- en d-lijn al vlug open. Wit posteerde de lopers op b2 en b3, vanwaar ze een verscholen bedreiging voor de zwarte koning betekenden. Zwart ontwikkelde harmonieus, maar had toch iets minder mogelijkheden.  Wit trok ten aanval met f2-f4 en een paard op g5. Zwart verdedigde zich met f7-f5 en h7-h6. Wit offerde een stuk en manoeuvreerde een toren over de hiermee open gekomen h-lijn. Door de samenwerking met de twee sluipschutters op b2 en b3 bracht dit een snelle beslissing: zwart wachtte het inmiddels onafwendbare dameverlies niet meer af.  1-0

Timo van Peursen - Hans Knigge

In een partij met een stevige witte grip op de zwarte velden en een zwart c7-c5 om wits stelling te ondermijnen, werden al snel de witte d- en e-pionnen geruild voor de zwarte c- en d-pionnen. De gewaagde lange rokade van zwart werd onmiddellijk beantwoord met een pionnenstorm op dezelfde vleugel. Onderweg viel de witte pion op c3, maar dit opende wel de c-lijn voor de witte torens tegen de zwarte koning, en de zwarte loper op c7 kwam in een vervelende penning te staan. Nadat de dames geruild waren, kostte deze penning zwart een stuk tegen twee pionnen. Wit bleef echter de druk op de zwarte stelling houden, en nadat de stelling voldoende afgewikkeld was en er een nieuwe witte dame op het bord verscheen, vond zwart het genoeg. 1-0

Thomas de Ruiter - Jerrel Thakoerdien

In een vlijmscherp gambiet leverde wit twee pionnen in voor snelle aanvalskansen tegen de niet gerokeerde zwarte koning. Nadat wit op f7 geslagen had en Pb1-d2 deed, wist zwart met Df4! twee stukken aan te vallen, zodat wit zijn gevaarlijke loper moest ruilen.  Wit bleef creatief spelen en liet op d2 een aangevallen stuk staan om extra aanvalskansen te creëren. Zwart liet het stuk wijselijk met rust en stuurde aan op liquidatie van de stelling, met de bedoeling in een eindspel met een pion meer te belanden. Aldus geschiedde; het eindspel met torens en gelijke lopers werd verder vereenvoudigd tot een toreneindspel waarin de ver opgerukte zwarte vrijpionnen op de c- en d-lijn de beslissing brachten.  0-1

Erik van Dop - Marco de Groot

Zwart stelde zijn beide lopers op de lange diagonalen op en hield de centrumpionnen nog even op hun startveld. Hoewel wit hierdoor gewoonlijk veel ruimte krijgt, is het moeilijk te anticiperen wat zwart gaat doen. Dit was in deze partij ook aan de hand, en wit besloot hierdoor zijn eigen plan op te zetten. Met een vroeg g2-g4 mikte wit op een overrompeling van de zwarte koningsvleugel. Het pushen van de g-pion naar g5 zorgde dat het zwarte paard op h5 in gevaar kwam. Daartegenover stond dat wits paard op d5 ook voor het oprapen stond.

Na de indirecte ruil van de paarden wist zwart de gehele stelling te compliceren. Zwart verkreeg tijdens de complicaties het loperpaar, en na het in veiligheid brengen van de eigen koning kon hij ook zoeken naar mogelijkheden om de stoutmoedige witte pionzetten van het begin van de partij af te straffen. Toen alle stofwolken opgetrokken waren en zwart uiteindelijk met twee pluspionnen overbleef, streek wit spoedig de vlag.  0-1

Atze Metz - Stijn Gieben

Wit kreeg in deze partij al vlug een flink centrum, maar zwart kreeg hierdoor een concreet aanvalsobject. Lange tijd was het de vraag of het witte centrum stand zou houden of uiteindelijk zou bezwijken onder de zwarte druk. Zwart stelde alles in het werk om de stelling te compliceren met pionzetten naar b5, c5, e5 en f5, en wit probeerde steeds meer het spelterrein naar de koningsvleugel te verleggen.  Toen wits pion op e4 verdween, miste wit een mooie kans om met Pe2-g3 voordeel te verkrijgen. Daarna ging het - in combinatie met een groeiende tijdnood - snel bergafwaarts met de witte stelling. Behendig wist zwart af te wikkelen naar een gewonnen eindspel met twee pionnen meer, dat behendig werd binnengehaald.  0-1

Rob van Helvoort - Michaël van Liempt

In een min of meer symmetrische opstelling wist zwart de gevaarlijke loper op d3 te ruilen voor de zwarte loper op c8. Hierna kon zwart een iets beter middenspel in, en wist hij kansen op de damevleugel te creëren. Zwart verrekende zich, wat resulteerde in een ingewikkelde stelling met dame, loper en paard voor wit tegen dame, toren en twee pionnen voor zwart. Wit reageerde niet adequaat op het geniepige Kg8-f7, waardoor zwart een toren over de h-lijn de witte stelling in kon loodsen en schaamteloos op winst kon blijven spelen. Zwarts voordeel vergrootte door de aanvalskansen tegen de witte koning. Vanwege een groeiende tijdnood wist zwart echter de juiste zetten niet te vinden, waardoor wit een mogelijkheid vond met eeuwig schaak te ontsnappen.   ½-½

Beide externe teams wisten te winnen. Rijswijk 2 won met 5-3 van Lierse 1 en behoudt hiermee een gezonde tweede plaats op 1 punt achter de koploper; Rijswijk 4 won met 4-2 van DSC 8 en blijft ongedeeld aan kop staan.

Michaël van Liempt