Verslagen
Voordat de 21e competitieronde begon, had ondergetekende een vervelende mededeling, die ik bij dezen volledig wereldkundig zal maken. Dit is mijn laatste seizoen bij S.G. Rijswijk. In de KNSB-competitie blijf ik wel voor het vlaggenschip spelen, maar volgend seizoen zal ik wegens een aanstaande verhuizing niet meer op de interne competitie- en de jeugdavond aanwezig zijn. Ik zal er nog een uitgebreid stuk voor het clubblad over schrijven, maar bij dezen zijn jullie allemaal op de hoogte. Ik heb negentien jaar met zeer veel plezier bij S.G. Rijswijk gespeeld, en het is met pijn in mijn hart dat ik de vereniging ga verlaten.
 
Het derde regionale team speelde vanavond een uitwedstrijd, dus het werd een rustige avond vanavond. Niettemin hadden we dertien partijen die aan de gang waren.
 
Roelof van Marle - Valerie Janssen 
In deze partij kwam reeds in een vroeg stadium de e-lijn open, waarna het belangrijkste strijdtoneel werd wie de e-lijn kon bezetten. Het afruilen van de dames maakte dat de partij snel een gelijke stelling opleverde. De partij werd dan ook remise. ½-½
  
Thomas de Ruiter - Rob van Helvoort 
Wit stelde een solide pionnenbolwerk op de witte velden op, waardoor zwart niet gemakkelijk door de witte stelling heen kon breken. Zwart stelde eenzelfde bolwerk op de zwarte velden op om wit met hetzelfde probleem op te zadelen. Toen het witte paard op d5 kwam en afgeruild werd, kwam de stelling dusdanig gesloten te staan dat remise overeengekomen werd. ½-½
  
Albert Kool - Edwin Mulders 
In deze partij ontwikkelden beide partijen snel de stukken. Vervolgens rokeerde wit naar de damevleugel en zwart naar de koningsvleugel. Met tegengestelde rokades wordt het altijd een scherpe strijd, en dat was ook in deze partij het geval. Zwart wist de c-lijn open te breken, en het venijnige Pc6-b4! gaf de zwarte aanval dermate veel vaart dat er voor wit al spoedig geen houden meer aan was. 0-1
  
Sebastiaan Ketting - Henk van der Tol 
Wit stelde in deze partij een stevige pionnenstelling op. Zwart vond met c7-c5 een effectieve manier om de witte centrumstelling aan te vallen. In de verwikkelingen kreeg zwart een pion en wist de witte koningsvleugel te verslechteren door een ruil op f3, maar kreeg wel een wit initiatief over zich heen omdat de zwarte koning op de damevleugel stond. Zwart ruilde echter handig alle gevaarlijke witte stukken af en zette zelf de aanval in. Wit had geen antwoord op het zwarte initiatief en verzoende zich met verlies. 0-1
  
Jan Kommer - Hendrik Steffers 
Wit stelde in deze partij de loper op g2 op en zette druk op de witte velden. Zwart nam de uitdaging aan en versterkte de centrumstelling. Door een onnauwkeurigheid in de verdediging wist zwart de witte d-pion op te ruimen. Deze pion bleek essentieel voor het bijeen houden van de witte stelling, want kort erna verliest wit nog meer materiaal. Wit trok tenslotte ten aanval, maar zwart wist de aanval af te slaan en een stuk voor te blijven. Hierna had zwart er geen moeite meer mee om het materiële overwicht in winst om te zetten. 0-1
  
Stijn Gieben - Hans Hulshof 
Wit wist in deze partij met een truc, die stamt uit de tijd van Tarrasch, een pion buit te maken en de zwarte pionstructuur op de damevleugel te verslechteren. Hiervoor had wit echter wel het loperpaar opgegeven, wat zwart een belangrijke troef gaf. Zwart wist maximaal van deze troef gebruik te maken en zette de aanval in. Op een voor mij onduidelijke manier eindigde dit spektakel in remise. ½-½
  
Peter Ketting - Mireille Rubert 
Wit trok in deze partij snel ten aanval op de koningsvleugel. Zwart offerde een stuk tegen twee pionnen om de aanval een halt toe te roepen. Vervolgens was het de beurt aan zwart, die met de fraaie pionzet ...e5! het witte centrum openbrak en ten strijde trok tegen de witte koning. Zwart won het geofferde stuk terug en bleef een pion voor, maar had hier flink veel tijd voor verbruikt. Wit verdedigde prima en wist de druk op de stelling te verlichten door de dames te ruilen. In de resterende stelling had wit een c-pion die er keihard vandoor ging en de winst voor wit veiligstelde. 1-0
  
Folmer Heikamp - Peter Torczynski 
Wit besloot al vroeg op f6 een loper te ruilen om de zwarte pionstructuur te verslechteren. Dit leverde zwart echter een extra bescherming rond de koning op. Intussen pakte zwart op de damevleugel veel ruimte. Wit besloot op de koningsvleugel aan te vallen en leek kansen te krijgen, maar zwart had nog altijd meer materiaal en wist het paard op h2 te pennen. De complicaties rond zwarts koning leken gevaarlijker dan ze daadwerkelijk waren, en zwart ging er dan ook met de winst vandoor. 0-1
  
Michaël van Liempt - Harry van der Stap 
In deze partij kreeg wit een halfopen e-lijn tegen een halfopen c-lijn voor zwart. Zwart speelde de paarden naar de koningsvleugel en was er aanvankelijk op uit om de witte loper in te sluiten, maar wit verhinderde dit met tegendreigingen rond de zwarte koning. Om geen materiaal te verliezen moest zwart de rokade opgeven. Dit stelde wit in staat om de stelling op de damevleugel te openen, wat voor zwart extra gevaarlijk was omdat veel van de zwarte stukken werkloos aan de andere kant van het bord stonden. Wit wist een pion buit te maken en kreeg de controle over de c-lijn, waardoor wit de zwarte stelling in kon komen. Toen vervolgens ook nog een zwart paard in de eigen stelling ingesloten raakte, geloofde zwart het wel. 1-0
 
Jelle Bulthuis - Atze Metz 
In deze partij werden beide koningslopers op de lange diagonaal geposteerd en rokeerden beide koningen naar dezelfde kant. Er werd in een vroeg stadium zetten herhaald, maar de stelling was nog lang niet rijp voor remise. Zwart trok op de koningsvleugel ten strijde en offerde een toren voor een stuk en extra aanvalskansen. Door een slim pionoffer kwam de zwarte loper op g7 tot leven. Ondanks dat er geen directe winst gevonden werd, leek het voor wit de verkeerde kant op te gaan. Wit wist uiteindelijk het vege lijf te redden door een scherpe zet op het kritieke ogenblik te spelen en deze van een tactisch remisebod vergezeld te laten gaan. ½-½
 
Alexander Cupido - Bas van der Berg 
Wit pakte veel ruimte in het begin, terwijl zwart een stevige centrumstelling overhield. De zwarte dameloper posteerde zich op de meest actieve diagonaal en stond een wit initiatief op de koningsvleugel vervelend te verhinderen. Wit offerde daarom een pion en later nog een, en trok gretig ten strijde tegen de zwarte koning, die lang in het centrum bleef. Toen het zwart uiteindelijk te heet onder de voeten werd, rokeerde zwart naar de damevleugel. Wit kreeg twee open lijnen, maar stond op den duur drie pionnen achter. Daardoor moest wit op complicaties blijven spelen. In overeenstemming met de eisen van de stelling offerde wit nog maar een kwaliteit, want de zwarte koningsvleugel was nog altijd niet ontwikkeld. Om de aanval in kracht te doen verminderen offerde zwart een kwaliteit terug. Het witte paard kon vervolgens flink wat pionnen ophalen, en na de prachtzet Pxg7! had zwart niet veel andere keus dan de dames te ruilen en zich tevreden te stellen met remise. ½-½
  
Peter Gaemers - Vincent Geerlings 
Zwart ruilde al in een vroeg stadium op f3 de loper om de witte pionstructuur op de koningsvleugel te verstoren. Hierna kwam zwart met e5 en Dd8-a5 om druk op het witte centrum uit te oefenen. Wit wist de dames te ruilen en behield het loperpaar. Wit ruilde het voordeel van het loperpaar in tegen een permanent versnipperde zwarte pionstructuur op de damevleugel. Wit kreeg ondanks (of dankzij) de aanwezigheid van ongelijke lopers een stevig initiatief tegen de losse pionnen. Zwart zette de loper op d4 neer, maar deze was wel gepend. Deze penning kostte zwart een pion, en na een technisch ingewikkelde klus lukte het wit om het materiële voordeel te verzilveren. 1-0
  
Bart van Strien - Marco de Groot 
Beide koningslopers kwamen in deze partij op de lange diagonalen terecht. Wit maakte met e4/d3/c4 een mijnenveld van de witte velden in het centrum. Zwart zette het paard op d4 neer, en na ruil ontstond een compleet gesloten stelling waarin het voor geen van beide meer gemakkelijk was om progressie te boeken. "Getouwtrek" geeft ongeveer weer hoe de rest van de partij verliep; beide spelers probeerden een plan uit te voeren, wat iedere keer resulteerde in stukkenruil. Beide spelers kwamen echter steeds verder in tijdnood, en het was uiteindelijk zwart die hiervan wist te profiteren. 0-1
  
Michaël van Liempt
Het Tata Steel Chess Tournament in Wijk aan Zee is aan de laatste week begonnen. De Nederlanders doen het in de hoogste groepen nog altijd uitstekend, en Giri houdt perspectieven op de eindzege. Opvallend is dat relatief veel partijen op het hoogste niveau door zwart gewonnen worden. Er werd al gegrapt dat zwart het nieuwe wit is, maar dat is uiteraard onzin. Wit is gewoon niet meer wat het geweest is. Of mag je dat tegenwoordig ook al niet meer zeggen?
Het heeft er alle schijn van dat ze bij Tata Steel hebben afgekeken van onze interne competitie, want jullie verslaggever merkt dat er de laatste weken in de interne competitie veel partijen in 0-1 eindigen. Vorige week waren dit er 6 van de 12, met 5 partijen die in remise eindigden. En ook deze week was zwart weer beduidend in het voordeel.
 
Roelof van Marle - Hans Jan van Kralingen
 In deze partij werd bewezen dat de reputatie van een openingsopzet niets hoeft te betekenen voor het spelverloop. De openingsopzet was zeer rustig, met beiderzijds harmonieuze ontwikkeling en geen aantoonbare zwaktes. Zwart kreeg echter al vroeg in de partij de gelegenheid om de loper op b3 voor een paard te ruilen, waardoor zwart langdurig van het loperpaar kon genieten. Wit liet zich daarna verleiden om op de aanval te spelen, maar het was eveneens zwart die hiervan wist te profiteren. Na een stukoffer leek wit wat tegenspel te krijgen, maar de open h-lijn kwam uitgerekend zwart goed uit. De tegenaanval die met een fraai loperoffer op h3 werd ingeluid, stond zo hoog op de Schaal van Beaufort dat van wits koningsstelling al spoedig niets meer overbleef.  0-1
  
Peter Ketting - Tomás Gallardo Bañez 
In deze opening zette wit eerst een bolwerk op de zwarte velden neer. Dit werkte zeer goed bij het inperken van de activiteit van zwarts koningsloper, die op de lange diagonaal tegen een blok beton aan zat te kijken. Wit trok tevens ten aanval op de koningsvleugel met een snel opspelen van de h-pion. Zwart had met h7-h5 een sterke horde opgeworpen. De tijd die wit nodig had voor het opruimen van deze blokkade gebruikte zwart om met c7-c5 een tegenactie tegen het witte centrum op touw te zetten. Toen wit na verloop van tijd lang gerokeerd had, hing een interessante tweefrontenoorlog in de lucht, waarin de speler die het eerst komt ook vaak het eerst maalt. De witte aanval op zwarts koningsstelling liep dood doordat zwart zich sterk verdedigde. Daarna was het de beurt aan het zwarte offensief. Zwart kreeg het voor elkaar om materiaal te winnen, waarna de witspeler zich gewonnen gaf. 0-1
 
 Joanna van Schaïk - Doeke Huitema
In deze partij kreeg wit een halfopen c-lijn en pionnen op d4 en e3 tegen een halfopen e-lijn met pionnen op d5 en c6 voor zwart. Aangewezen was voor wit om op de damevleugel te spelen, terwijl zwart moest proberen op de koningsvleugel ten strijde te trekken. Wit mat zich echter een ander plan aan en speelde met de loper op g5 en het paard op e5 op aanval op de koningsvleugel. Zwart wist het paard op e4 te zetten en dwong wit hierdoor om enkele stukken te ruilen. Wit bleef echter ambities op de koningsvleugel najagen en wilde met f2-f4 de aanval nieuw leven inblazen. Dit had echter tot gevolg dat er gaten tussen de linies vielen: naast de pion op e3 werden ook alle witte velden op de koningsvleugel en in het centrum chronisch verzwakt. Zwart maakte hier handig gebruik van en won materiaal. Wit bleef echter op aanval duwen, maar ging toch strijdend ten onder toen zwart na afdoende verdediging met de toren over de e-lijn binnen kwam. 0-1
  
Rob van Helvoort - Alexander Cupido  
Wit stelde zich rustig op met druk op de witte centrumvelden middels een pion op c4, een loper op g2 en een paard op c3. Zwart drukte in de tussentijd met een gespiegelde opstelling tegen de zwarte centrumvelden. Het karakter van de stelling werd veranderd toen wit een paard op d5 zette en zwart dit afruilde, waardoor wit meer ruimte had verkregen. Zwart had echter nog voldoende tegenspel in de actief opgestelde stukken richting de damevleugel, alsmede minimaal gelijke kansen over de c-lijn. Wit besloot het ruimtevoordeel in te zetten om een aanval op te bouwen. Met f2-f4 legde wit een sterke kaart op tafel. Maar ook op de koningsvleugel had zwart genoeg tegenspel met Pg4, waarmee zwart de belangrijke witte loper op e3 dreigde te ruilen. Het getouwtrek om aanvalskansen op de koningsvleugel resulteerde in zetherhaling en dus remise. ½-½
  
Hans Hulshof - Michaël van Liempt
In deze partij ruilde wit al vroeg een loper voor het paard op f6. Hierdoor kreeg wit wat ruimtevoordeel en mogelijkheden om het centrum met de pionzet e4 te versterken. Zwart had in de tussentijd het loperpaar verkregen en had ook na dameruil nog legio mogelijkheden om de stelling te compliceren. Met een enthousiast f7-f5 en c6-c5 wist zwart een pion te bemachtigen, die niet zonder meer teruggeslagen kon worden. Maar de positionele schade die zwart met dit roekeloze spel aan zijn eigen stelling had toegebracht, was enorm: de communicatie tussen de zwarte stukken was ver te zoeken, wit kon een paard op het prachtige centrumveld e5 handhaven, en wit had een pionnenmeerderheid op de damevleugel. Bovendien ging de zwarte pion op d4 nergens heen en kon wit de pion consumeren op elk gewenst moment. Op het moment dat de stelling het meest complex geworden was, bood zwart dan ook remise aan. Dit werd door een steeds verder teruglopende witte klok geaccepteerd, maar beide partijen waren het erover eens dat zwart eigenlijk voor de bijl had moeten gaan. ½-½
 
 Bauke Hoogland - Roel Leezer
 In deze partij ontstond een symmetrische stelling met tal van mogelijkheden aan twee kanten om de situatie in het centrum te wijzigen. Zwart koos ervoor met Lxc3 de witte c-pion te verdubbelen met de bedoeling om later de druk op deze pionnen op te voeren. Wit wilde de loper op b7 insluiten met d4-d5, maar deed hiermee de concessie dat alle rek uit de witte pionstructuur verdween en de twee c-pionnen naar hartenlust konden worden aangevallen. Met La6 en Pa5 werd de druk op c4 opgehoogd. Toen zwart daarna ook nog met het andere paard op e5 wist te komen, was de pion ten dode opgeschreven. Echter overzag zwart in een fractie van een seconde een penning, waar wit dankbaar gebruik van kon maken en een toren mee mocht nemen. Daarna was het direct afgelopen. 1-0
  
Thomas de Ruiter - Peter Gaemers
Wit pakte in deze partij al in een vroeg stadium veel ruimte in het centrum met pionnen op d4, e4 en f4. Zwart veranderde de situatie in het centrum met een vroeg d5 en speelde de h-pion door naar h4. Nadat enkele stukken geruild werden, bezette zwart de open gekomen h-lijn met een toren. Wit kreeg hiervoor een open g-lijn tegen de zwarte koning en wist met de zet f4-f5! de zwarte stelling onder vuur te nemen. Zwart moest aan de noodrem trekken, en na een grootschalige afwikkeling hield wit een pion meer over. Met twee torens en een loper tegen twee torens en een paard bleek de pluspion machtig genoeg om het zwarte paard op te halen, en ook na verdere afwikkelingen bleef wit met een stuk meer zitten. Doordat er nog pionnen aanwezig waren, was dit stuk meer voldoende voor de winst. 1-0
 
Bas van der Berg - Jerrel Thakoerdien 
Zwart tastte de witte centrumstelling aan met c7-c5, waarna wit besloot om met d4-d5 de ruimte in het centrum te pakken. Wit liet na om de zwarte loper met h2-h3 in te perken, zodat deze zich tegen een paard kon ruilen. Zwart kreeg hierdoor iets meer ademruimte en kon iets ondernemen op de damevleugel. Wit wilde in de tussentijd op de koningsvleugel iets ondernemen, maar werd al snel genoodzaakt om op de damevleugel in actie te komen. Nadat zwart met breekzet b5 in de stelling had gegooid, kwam de a-lijn open voor de witte toren. Wit verdubbelde de torens op de a-lijn en nam de pion op d6 onder schot. Zwart bood zijn dame aan tegen twee witte torens, een ruil die wit zich niet kon veroorloven. De situatie op de damevleugel bleef enorm complex, en na verloop van tijd kreeg zwart het voor elkaar om een kwaliteit te winnen. De pionnen die wit ter compensatie had, werden een voor een geneutraliseerd. De binnenkomst van de zwarte dame betekende dat er voor wit weinig anders op zat dan capitulatie. 0-1
 
Folmer Heikamp - Erik van Dop
Wit, die vanavond voor het eerst op de vereniging was, bood in een vroeg stadium al een paardenruil op c3 aan. Weliswaar werd hierdoor de witte pionstructuur iets verslechterd, maar er ontstonden voor wit twee aantrekkelijke open centrumlijnen en een gemakkelijke ontwikkeling van de witte lopers tegenover. Bovendien kon de extra c-pion een extra borstplaat voor de witte koningsstelling betekenen indien wit ervoor zou kiezen om lang te rokeren. Hoewel in dit systeem wit meestal lang rokeert en zwart kort, was het ditmaal andersom. Dit resulteerde in een interessant middenspel waarin de voor- en nadelen van de ruil op c3 heel anders uitvielen. Na ruil van enkele stukken wist wit de pion op f7 te consumeren. Het loperpaar zou compensatie moeten bieden, maar al zwarts stukken stonden nog op de onderste rij. De ruil van een licht stuk en een paar torens verkleinde de betekenis van dit stellingsprobleem, maar zorgde er tevens voor dat de witte pluspion ook van grotere betekenis dreigde te worden. Zwart wist echter de stelling aanzienlijk te compliceren, en maakte gebruik van de afwezigheid van zijn f-pion door de zware stukken op de f-lijn te verdubbelen. Toen de stofwolken opgetrokken waren, was er een gelijk lopereindspel ontstaan dat twee kanten op kon gaan. Ook in de analyse kwamen we er niet uit wie nou uiteindelijk de beste kansen had, maar aan het eind van de partij trok zwart aan het langste eind. 0-1
 
Timo van Peursen - Henk van der Tol
Wit stelde een rustig bouwwerk op de zwarte centrumvelden op en kwam op een zorgvuldig voorbereid moment met de centrumdoorbraak e3-e4. Na ruil op e4 had wit een ruimtelijk voordeel. Zwart moest een plan verzinnen om het witte ruimtelijke voordeel teniet te doen. Het leek er lange tijd op dat zwart dit met e6-e5 wilde aanpakken, maar uiteindelijk koos zwart ervoor om met f7-f5 tegenspel te zoeken. Dit was een verplichtende zet die de pion op e6 langdurig verzwakte, waar wit met Lb3 en Pg5 sterk op drukte. Zwart was genoodzaakt een passieve stelling in te nemen, en de ruil van de witveldige loper tegen het witte paard op f3 zorgde ervoor dat wit met Dh5 aan koningsaanval kon denken. Zwart zocht heil in het ruilen van enkele lichte stukken en kreeg hierdoor iets meer ademruimte. Wit had echter nog altijd de zwakke pion op e6 om de aandacht op te richten, en de witte zet d4-d5 leek de kroon op het werk. Maar zwart wist de dames te ruilen en kreeg steeds meer tegenspel. Toen de witte d-pion in de verwikkelingen verloren ging en zwart het initiatief inmiddels overgenomen had, werd de zwarte strijdlust beloond met de winst van een stuk en kort erna ook de partij. 0-1
 
Hans Knigge - Jan Kommer 
Zwart pakte in deze partij onmiddellijk het weinig ambitieuze witte centrumspel aan met een vroeg d7-d5. Hierdoor werd wit gedwongen om de centrumformatie ingrijpend te veranderen op een manier die voor zwart goed uitkwam. Wit had er veel tijd voor nodig om de pionnen op d4, e5 en f4 te zetten, en zwart was er als de kippen bij om dit witte centrum nog verder aan te tasten met de twee principiële breekzetten c7-c5 en f7-f6. Wit liet ruil op e5 toe, waardoor de f-lijn open kwam. Wit probeerde spel te zoeken op de damevleugel, maar speelde de a-pion zo ver door dat er geen doorkomen meer aan was. Dit was mede te danken aan de ijzersterke opstelling van het zwarte paard op c4, dat niet zonder meer van het bord kon verdwijnen. Intussen stonden de zwarte stukken klaar om op de koningsvleugel in te grijpen, waarvoor de gelegenheid mede mogelijk gemaakt was door de inmiddels werkloze opstelling van vrijwel al wits stukken op de damevleugel. Zwart kon straffeloos de witte pion op f2 soldaat maken en bleef aanvankelijk fraaie aanvalskansen hebben. Maar wit wist van een aantal kleine onnauwkeurigheden in de zwarte aanvalsvoering gebruik te maken om het initiatief over te nemen, waarna de kansen keerden. Een goede vechtpartij van beide spelers, maar uiteindelijk trok wit dus toch aan het langste eind. 1-0
 
Atze Metz - Marco de Groot
Wit stelde een stevig bolwerk op de witte velden op, met pionnen op f3, e4, d5 en c4. Zwart had hiertegenover pionnen op e5, d6 en c5 gezet, zodat het centrum muurvast stond. Het zwarte paard op a5 stond ietwat verdwaald, maar er ging genoeg dreiging van het beestje uit om wit ertoe over te halen om niet lang te rokeren. Na wat getouwtrek werd het paard tegen een witte tegenhanger geruild, waarna wits ruimtelijk voordeel nog altijd zichtbaar was. Na een vroegtijdige ruil van de dames kreeg zwart het andere paard op f4 en opende met b7-b5xc4 de b-lijn voor de torens. Dit speelde echter niet zwart maar wit in de kaart, die meer initiatief kreeg tijdens dit middenspel zonder dames doordat zowel de loper als het paard over het stopveld c4 konden beschikken. Zwart probeerde de stelling te vereenvoudigen, waardoor het moeilijker zou zijn voor wit om het eindspelvoordeel te realiseren. Wit kreeg de gelegenheid om de pion op d6 onschadelijk te maken, waarna pion e5 ook ten dode opgeschreven was. In het diepe eindspel ging wit ietwat onhandig met de verbonden vrije centrumpionnen om, waardoor zwart de kans kreeg om de stelling in evenwicht te brengen. Maar dankzij een vreemde verwikkeling onder invloed van groeiende tijdnood overzag zwart een kleinigheidje, waardoor wit toch nog een stuk en de partij wist te winnen. 1-0
  
Michaël van Liempt
 
 
Vanwege onder meer de aanvang van het Tata Steel Chess Tournament (voorheen het Corus Schaaktoernooi en daarvoor het Hoogovens Schaaktoernooi) in Wijk aan Zee was het vanavond een iets rustiger avond dan normaal. Enkele van ons gaan nog in Wijk aan Zee een toernooi spelen, en enkele gaan er nog een paar dagen heen om het grootmeesterspektakel gade te slaan.
Met 12 partijen was er echter meer dan genoeg spektakel ook in de interne competitie van S.G. Rijswijk.
 
Roelof van Marle - Peter Ketting 
In deze partij werden de e-pionnen snel tegen elkaar geruild. Wit had door het drukkende spel van zwart moeite om een effectieve verdedigingsopstelling in te nemen. Zwart won in de verwikkelingen een kwaliteit, waarna wit iets meer ademruimte kreeg. Wit wist een koningsaanval op touw te zetten, maar deze was veel minder gevaarlijk dan op het eerste gezicht leek. Zwart overleefde de aanval, waarna het materiële overwicht de doorslag gaf. 0-1
 
Hans Jan van Kralingen - Doeke Huitema 
In een opening waarin zwart koos voor minder ruimte maar een stevige positie, besloot wit direct om veel ruimte te pakken in het centrum en op de koningsvleugel. Zwart stelde de tegenaanval tegen het witte centrum met de zet c7-c5 echter iets te lang uit. Wit kreeg hierdoor de tijd om met e4-e5 de druk op te voeren, waardoor zwart ineens voor zijn leven moest vrezen. Zwart besloot op f3 een kwaliteit te offeren, maar het witte aanvalsspel werd hier niet door afgezwakt. De aanval liep gesmeerd verder, en het duurde dan ook niet lang voordat zwart besloot om de strijd te staken.  1-0
 
Frans Hoynck van Papendrecht - Michaël van Liempt
In deze partij legde wit binnen enkele zetten de kaarten op tafel: met een vroeg f2-f4 liet wit doorschemeren dat het aanvalsplan de zwarte koningsvleugel betrof. In ruil hiervoor kreeg zwart iets meer ruimte in het centrum. Wit besloot met Pf3-e5xc6 de zwarte pionstructuur te verslechteren en leek de verdubbelde c-pion als een nieuw doelwit op de korrel te willen nemen. Zwart kreeg echter de gelegenheid om met e7-e5 de e-lijn te openen en aanvalskansen op te bouwen. In de verdediging overzag wit dat de zwarte dame op h4 een dubbele aanval kon geven. Direct daarna kwam het zwarte legioen over de koningsvleugel binnen. Wit ruilde het vervelende paard op e5, maar hier kwam een toren voor terug. De aanwezigheid van ongelijke lopers maakt dat de aanvalskansen vrijwel zeker doorslaan, en zo geschiedde ook in deze partij. De zwarte dame op g3 en de toren op g5 werkten goed met de loper op e3 samen om het matnet rond de witte koning dicht te knopen. 0-1
  
Albert Kool - Peter Gaemers
Zwart had in deze partij een stevig bolwerk op de witte centrumvelden neergezet, waardoor de witte loper op g2 tegen een betonnen muur aan zat te kijken. Door ruil van een paard op g6 kreeg wit het plan om met de h-pion de stelling open te breken. Zwart moest hierdoor in het centrum en op de damevleugel aan de noodrem trekken en wist met de loper een penning tegen het ongedekte paard op c3 te brengen. Na een langdurig getouwtrek kwamen er voor beide partijen wat mogelijkheden in het centrum. Wit leek ook op koningsaanval af te kunnen stevenen, maar op een raadselachtige manier verdampte ineens de helft van de witte stukken. 0-1
  
Henk van der Tol - Bauke Hoogland 
In een stelling waarin zwart bedacht had om tegen de witte velden te spelen, zette wit de loper op g2 neer. Zwart kreeg echter iets meer ruimte in het centrum en wist iets handiger de stukken te ontwikkelen. Wit maakte aanstalten om met d2-d4 ruimte in het centrum te pakken, maar hiertoe kwam het niet. Zwart trok met g5 ten strijde tegen de witte koning. De witte dame kwam weliswaar op h5, maar had geen contact met hulptroepen om een aanknopingspunt te belegeren. Zwart was intussen met de toren op d3 gekomen en viel val opzij de witte koningsvleugel aan. De samenwerking van de toren met de lopers op f5 en c5 en de dame op e5 brachten een snelle beslissing in het voordeel van zwart. 0-1
  
Rob Felix - Joanna van Schaïk
In een dichte stelling waarin zwart de aandacht richtte op de zwarte velden in het centrum, pakte wit de witte velden. De stelling leek lange tijd in evenwicht, maar zwart had met de samenwerking tussen loper en dame de witte loper op g2 weten te ruilen en had hierin een aanknopingspunt voor een aanval weten te kweken. Wit richtte intussen de aandacht op de damevleugel en verdubbelde de torens op de b-lijn. Zwart was genoodzaakt om hierop te reageren. Wit kreeg vervolgens de gelegenheid om de torens te ruilen, waarna zwart iets meer zwakke pionnen overhield. Wit liet vervolgens echter de loper insluiten, waardoor zwart ineens voor de winst kon gaan. Nadat de dames geruild waren, had wit geen tegenkansen meer en werd het materiële overwicht langzaam maar zeker beslissend. 0-1
  
Bas van der Berg - Rob van Helvoort 
In een klassieke partij kreeg wit meer ruimte in het centrum en op de damevleugel, en zwart probeerde om wat meer ruimte en aanvalskansen op de koningsvleugel te pakken. Wit speelde de dame naar b3, maar kon niet direct een aanknopingspunt vinden. Na een brede vereenvoudiging van de stelling wist wit een pion op d6 te krijgen, maar deze kon worden geruild. In de resterende stelling had wit het loperpaar, maar zwart had te weinig zwaktes om gebruik van te kunnen maken. Ruil van enkele pionnen leverde voor geen van beide spelers een wezenlijke verbetering van de stelling op, en de partij eindigde dan ook in remise. ½-½
  
Harry van der Stap - Alexander Cupido 
In deze partij probeerde zwart de stelling al in een vroeg stadium te compliceren. Wit koos ervoor om deze complicaties niet toe te laten en daarentegen een rustiger speltype na te streven. Dat lukte prima: de zwarte loper strandde voor lange tijd op h5, en tegenover het zwarte paard op e4 had wit de dame op b3 neergezet om voldoende druk op de zwarte damevleugel uit te oefenen. Lange tijd gebeurde er niets. Er werden hier en daar wat stukken geruild, en zwart wist iets meer ruimte en een loper tegen een paard over te houden, maar wit bleef stevig overeind staan. Zwart probeerde met g5 en h5 op aanval te spelen, maar toen de loper tenslotte geruild was en de zwarte aanval onvoldoende perspectief op winst bleek te bieden, werd remise overeengekomen. ½-½
  
Marco de Groot - Jelle Bulthuis 
In deze partij pakte wit van meet af aan alle ruimte waar hij de handen op wist te leggen. Zwart zette een tegenactie in het centrum op touw door met c5 de witte d-pion te bevragen. De stelling werd het minst duidelijk toen beide spelers lang besloten te rokeren. Het was zeer de vraag wie er beter uit de stelling wist te komen.Nadat de stelling iets meer open was geraakt en beide partijen nog altijd geen winstplan hadden weten te bereiken, werden de dames geruild. Daarna bleef wit er het meest enthousiast voor te willen gaan. Hierdoor liep wit ook het meeste risico: zwart wist in een stelling met toren en paard tegen wits toren en loper een pion buit te maken en kreeg de gelegenheid om met zijn g-pion ver naar voren te schuiven. Wit had echter een sterke troef in de activiteit van de toren, die enkele pionnen buit wist te maken en een vrije h-pion kon creëren. Dit leverde zoveel tegenspel op dat zwart zich genoodzaakt voelde om de partij remise te geven. ½-½
  
Vincent Geerlings - Hendrik Steffers 
In een opening waarin wit een pion offerde voor vlugge ontwikkeling, streefde zwart een ander plan na. Zwart gaf de pion terug om op lange termijn de witte pionstructuur te verslechteren. Hiervoor had zwart echter zijn loper zwartveldige loper voor een paard geruild, waardoor de zwarte velden in de zwarte stelling een zekere zwakte begonnen te vertonen.Wit gaf alsnog een pion om ervoor te zorgen dat het loperpaar veel actiever bleef dan de nog niet ontwikkelde zwarte stukken. Zwart bleef lange tijd wat meer in de verdrukking staan, maar wit kon niet verhinderen dat zwart uiteindelijk de ontwikkeling kon voltooien. Daarna waren de kansen min of meer gelijk, en om de stelling nog wat onbalans te geven ruilde wit af tot een eindspel met beiderzijds twee torens en een loper van ongelijke kleur. Het getouwtrek duurde daarna behoorlijk lang, maar geen van beiden wist een goed aanknopingspunt voor een winstplan te vinden.
½-½
 
 Bart van Strien - Thomas de Ruiter
 In deze partij werden de c-pionnen al vroeg tegen elkaar aan geschoven. De paarden nestelden zich op respectievelijk d5 en d4, maar er zat nog niets concreets in de stelling. Plotseling werd de stelling echter complex: wit kreeg uit de verwikkelingen een dame, maar zwart kreeg er een toren en een paard voor terug. Vooral de loper op f6 deed nuttig werk in het bestrijken van de lange diagonaal. Bovendien bleef de witte koning vooralsnog in de gevarenzone. Wit leverde een derde stuk in om met de koning te kunnen vluchten en kreeg een gevaarlijke vrije c-pion. Die wist wit naar de overkant te brengen, waardoor zwart weer een stuk moest teruggeven. Er resteerde een eindspel waarin wit een dame, een loper en twee pionnen had tegen een toren, een loper, een paard en vier pionnen. De zwarte koning stond volledig veilig, dus wit had geen winstkansen meer. Zwart had echter nog wel iets om voor te spelen: de witte koning was kwetsbaar, en bovendien moest wit het doen met veel te weinig tijd. Zwart gaf niets weg en bleef met dreigingen werken, waardoor wit van lieverlee door zijn vlag ging. 0-1
 
 Jerrel Thakoerdien - Stijn Gieben 
In een opening waarin wit ruimte pakte in het centrum en zwart op de koningsvleugel aan de slag wilde, kreeg wit op zet 7 een interessante en enigszins obscure zijvariant voorgeschoteld. Zwart pakte deze variant op een originele manier aan en leek meer ruimte in het centrum te krijgen. Wit counterde echter met een goed getimed e4! en wist de druk op de zwarte stelling met Lg5 te vergroten. Zwart besloot om met f5-f4 op koningsaanval te spelen, maar wit was eerder met het plan op de damevleugel. Hierdoor moest zwart alle zeilen bijzetten om wit geen toegang tot de stelling te bieden. Zwart wist de stelling hier op het nippertje dicht te houden met een goed getimed b7-b5. Het verdwijnen van de zwarte d-pion tegen de witte c-pion bood voor de zwarte loper de gelegenheid om op d6 te gaan staan en daar heel nuttig de c-pion in de gaten te houden. Zwart had weliswaar veel tijd nodig om de stelling bij elkaar te houden, maar het resultaat was dat er een vesting was ontstaan waar wit niet meer doorheen kwam. Er werd langdurig halma gespeeld, want wit liep geen risico en had dus alle tijd om te proberen om zwart op het verkeerde been te krijgen. Toen de dames geruild waren, bleef de stelling in hetzelfde statische evenwicht staan. Toen het duidelijk werd dat er voor beiden écht geen doorkomen meer aan was, werd wijselijk tot remise besloten. ½-½
 
Michaël van Liempt
 
 
 

Een drukke avond, maar niet vanwege de interne competitie. In de L-zaal speelden het tweede en het vierde team een externe wedstrijd. Niettemin werden er negen partijen voor de interne competitie gespeeld.

Hendrik Steffers - Albert Kool

In een rustige openingsopzet met een stevig wit bolwerk op de zwarte velden en een loper op f4 besloot zwart al vroeg in de partij op aanval te spelen door met h7-h6 en g7-g5 achter de loper aan te jagen. Toen de loper even later geruild was, besloot zwart het centrum met e6-e5 open te breken. Helaas had wit het sterke Pxd5 achter de hand, waardoor wit snel tot aanval kwam tegen een nog niet gerokeerde zwarte koning. De aanval was oersterk en bezorgde wit al snel het volle punt.  1-0

Peter Ketting - Rob Felix

In een normaal rustige stelling besloot wit al in een vroeg stadium met g2-g4 de aanval in te zetten. Zwart had pionnen op c5 en d5 neergezet en opende voor zichzelf de c-lijn. Vervolgens vatte hij het witte plan bij de horens door f7-f5 te spelen. Hierdoor kwam de f-lijn open, en na een stukruil op e4 kreeg zwart behalve de f-lijn definitief alle witte centrumvelden in handen. Daartegenover had wit de zwarte centrumvelden stevig onder controle. Toen na dameruil de f-lijn door zwart sterk bezet was, moest wit met hand en tand verdedigen om de stelling bij elkaar te houden, maar uiteindelijk kreeg wit waar hij voor gewerkt had.  ½-½

 

Roger van Groesen - Frans Hoynck van Papendrecht

In deze partij besloot zwart flinke druk op de witte centrumvelden uit te oefenen door pionnen op f5 en e6 te zetten en later een paard naar e4 te spelen. Wit wist dit paard op te ruimen, waarna zwart een open f-lijn kreeg.

Wit bouwde vervolgens een goed gecoördineerde stelling op. Nadat het centrum open kwam, werd de stelling complex, maar beide spelers speelden zorgvuldig hun kaarten. Na de liquidatie had zwart een iets actievere samenwerking tussen toren en dame, maar wel een iets minder veilige koningsstelling en drie versnipperde pionnen. Wit ging echter te ver en liet de eigen koning onbeschermd, zodat zwart plotseling zijn kans zag om een directe mataanval tegen de witte koning te ontketenen. 0-1

Jelle Bulthuis - Tony Goudriaan

In een strategisch gevecht raakten de c- en d-lijn al vlug open. Wit posteerde de lopers op b2 en b3, vanwaar ze een verscholen bedreiging voor de zwarte koning betekenden. Zwart ontwikkelde harmonieus, maar had toch iets minder mogelijkheden.  Wit trok ten aanval met f2-f4 en een paard op g5. Zwart verdedigde zich met f7-f5 en h7-h6. Wit offerde een stuk en manoeuvreerde een toren over de hiermee open gekomen h-lijn. Door de samenwerking met de twee sluipschutters op b2 en b3 bracht dit een snelle beslissing: zwart wachtte het inmiddels onafwendbare dameverlies niet meer af.  1-0

Timo van Peursen - Hans Knigge

In een partij met een stevige witte grip op de zwarte velden en een zwart c7-c5 om wits stelling te ondermijnen, werden al snel de witte d- en e-pionnen geruild voor de zwarte c- en d-pionnen. De gewaagde lange rokade van zwart werd onmiddellijk beantwoord met een pionnenstorm op dezelfde vleugel. Onderweg viel de witte pion op c3, maar dit opende wel de c-lijn voor de witte torens tegen de zwarte koning, en de zwarte loper op c7 kwam in een vervelende penning te staan. Nadat de dames geruild waren, kostte deze penning zwart een stuk tegen twee pionnen. Wit bleef echter de druk op de zwarte stelling houden, en nadat de stelling voldoende afgewikkeld was en er een nieuwe witte dame op het bord verscheen, vond zwart het genoeg. 1-0

Thomas de Ruiter - Jerrel Thakoerdien

In een vlijmscherp gambiet leverde wit twee pionnen in voor snelle aanvalskansen tegen de niet gerokeerde zwarte koning. Nadat wit op f7 geslagen had en Pb1-d2 deed, wist zwart met Df4! twee stukken aan te vallen, zodat wit zijn gevaarlijke loper moest ruilen.  Wit bleef creatief spelen en liet op d2 een aangevallen stuk staan om extra aanvalskansen te creëren. Zwart liet het stuk wijselijk met rust en stuurde aan op liquidatie van de stelling, met de bedoeling in een eindspel met een pion meer te belanden. Aldus geschiedde; het eindspel met torens en gelijke lopers werd verder vereenvoudigd tot een toreneindspel waarin de ver opgerukte zwarte vrijpionnen op de c- en d-lijn de beslissing brachten.  0-1

Erik van Dop - Marco de Groot

Zwart stelde zijn beide lopers op de lange diagonalen op en hield de centrumpionnen nog even op hun startveld. Hoewel wit hierdoor gewoonlijk veel ruimte krijgt, is het moeilijk te anticiperen wat zwart gaat doen. Dit was in deze partij ook aan de hand, en wit besloot hierdoor zijn eigen plan op te zetten. Met een vroeg g2-g4 mikte wit op een overrompeling van de zwarte koningsvleugel. Het pushen van de g-pion naar g5 zorgde dat het zwarte paard op h5 in gevaar kwam. Daartegenover stond dat wits paard op d5 ook voor het oprapen stond.

Na de indirecte ruil van de paarden wist zwart de gehele stelling te compliceren. Zwart verkreeg tijdens de complicaties het loperpaar, en na het in veiligheid brengen van de eigen koning kon hij ook zoeken naar mogelijkheden om de stoutmoedige witte pionzetten van het begin van de partij af te straffen. Toen alle stofwolken opgetrokken waren en zwart uiteindelijk met twee pluspionnen overbleef, streek wit spoedig de vlag.  0-1

Atze Metz - Stijn Gieben

Wit kreeg in deze partij al vlug een flink centrum, maar zwart kreeg hierdoor een concreet aanvalsobject. Lange tijd was het de vraag of het witte centrum stand zou houden of uiteindelijk zou bezwijken onder de zwarte druk. Zwart stelde alles in het werk om de stelling te compliceren met pionzetten naar b5, c5, e5 en f5, en wit probeerde steeds meer het spelterrein naar de koningsvleugel te verleggen.  Toen wits pion op e4 verdween, miste wit een mooie kans om met Pe2-g3 voordeel te verkrijgen. Daarna ging het - in combinatie met een groeiende tijdnood - snel bergafwaarts met de witte stelling. Behendig wist zwart af te wikkelen naar een gewonnen eindspel met twee pionnen meer, dat behendig werd binnengehaald.  0-1

Rob van Helvoort - Michaël van Liempt

In een min of meer symmetrische opstelling wist zwart de gevaarlijke loper op d3 te ruilen voor de zwarte loper op c8. Hierna kon zwart een iets beter middenspel in, en wist hij kansen op de damevleugel te creëren. Zwart verrekende zich, wat resulteerde in een ingewikkelde stelling met dame, loper en paard voor wit tegen dame, toren en twee pionnen voor zwart. Wit reageerde niet adequaat op het geniepige Kg8-f7, waardoor zwart een toren over de h-lijn de witte stelling in kon loodsen en schaamteloos op winst kon blijven spelen. Zwarts voordeel vergrootte door de aanvalskansen tegen de witte koning. Vanwege een groeiende tijdnood wist zwart echter de juiste zetten niet te vinden, waardoor wit een mogelijkheid vond met eeuwig schaak te ontsnappen.   ½-½

Beide externe teams wisten te winnen. Rijswijk 2 won met 5-3 van Lierse 1 en behoudt hiermee een gezonde tweede plaats op 1 punt achter de koploper; Rijswijk 4 won met 4-2 van DSC 8 en blijft ongedeeld aan kop staan.

Michaël van Liempt

Deze avond geen externe perikelen, dus de interne was druk bezet. Zo druk zelfs dat we de overweging moesten maken of we enkele partijen in de C-zaal ernaast zouden doen. Uiteindelijk was dit niet nodig: met een extra tafel in de L-zaal konden alle zeventien partijen beginnen.
 
Bauke Hoogland - Floris Lantzendörffer
 In een Franse opening werden beide zwarte lopers geruild tegen een loper en een paard van wit. Hoewel dit meestal voor zwart voordeel oplevert, liet de witspeler zien dat een loper ook in dichte stellingen soms een sterk stuk kan zijn.
Na dameruil voerde wit de druk tegen de zwarte pionnen op de damevleugel sterk op met a2-a4, waardoor de a-lijn open kwam voor de witte torens. Zwart bleek geen antwoord te hebben op het witte geweld en staakte de strijd voordat hij werd overrompeld. 1-0
 
Edwin Mulders - Hendrik Steffers
 In deze partij werd snel vereenvoudigd tot een middenspel waarin de dames en de c-, d- en e-pionnen verdwenen waren. Wit had iets actievere stukken en wist hierdoor het loperpaar te bemachtigen. Dit werd later verruild voor iets actievere torens en de hoop op aanknopingspunten. Zwart bleef echter stoïcijns overeind, en toen er in het eindspel met beiderzijds twee torens en ongelijke lopers geen aanknopingspunten meer waren, werd tot remise besloten. ½-½
 
 Albert Kool - Peter Ketting
 Zwart stelt een compact maar stevig centrum op tegen een gezonde witte ontwikkeling. Zwart besloot enthousiast de aanval op de witte koningsvleugel in te zetten met de g-pion. Hierdoor kwam de stelling op de koningsvleugel open, maar het was nog maar de vraag voor wie dit het meest gunstig was.
Zwart kreeg met zijn initiatief wel mooie open aanvalslijnen, maar daarvoor in ruil kreeg wit wat materiaal meer. Lange tijd leek het voor zwart verkeerd te gaan, totdat wit zijn belangrijkste verdediger met een taak teveel opzadelde en zwart ineens kon profiteren. 0-1
 
 
Bas van der Berg - Jelle Bulthuis
In een Semi-Slavische verdediging trok zwart vroeg ten strijde tegen de witte damevleugel. Wit zocht zijn heil aan de andere kant van het bord en wist met Pg5 druk op de zwarte stelling uit te oefenen. Deze druk werd versterkt met de manoeuvre van de dame naar h6 en later g7, waardoor positie van de zwarte koning op e8 onveilig werd. De koning besloot naar b7 te rennen, maar dat mocht niet meer baten. De witte aanval was te veel. 1-0
 
Alexander Cupido - Erik van Dop
In het Koningsgambiet, een opening waarin wit een pion opoffert voor een snelle ontwikkeling, kreeg wit snel een mooi centrum. In ruil voor de witte activiteit kreeg zwart een enorme sloot aan pionnen op de koningsvleugel en een permanent kale witte koningsstelling. Wat weegt zwaarder: materieel voordeel of dynamisch voordeel?
Wit offerde met het venijnige Lxf7+ een stuk dat zwart niet mocht nemen omdat daarna de witte aanval beslissend zou worden. In plaats daarvan stuurde zwart aan op ruil van enkele stukken om de verdediging te verlichten. Na deze vereenvoudiging hield zwart nauwelijks materieel voordeel over, terwijl wit nog altijd aanvalskansen tegen de zwarte koning had. Deze aanvalskansen deden zwart uiteindelijk de das om. 1-0
 
Jan Kommer - Mireille Rubert
Wit had een rustige en harmonieuze openingsopzet, waartegen zwart een bolwerk in het centrum neerzette met pionnen op c5, d6 en e5 (een pionformatie die de naam van de voormalige wereldkampioen Botwinnik draagt). Na ruil van de paarden tastte wit het bolwerk aan met een sterke pionzet, die er tevens voor zorgde dat de lijnen voor de andere stukken richting de koningsvleugel open kwamen. Wit won op de koningsvleugel een toren tegen een loper, wat uiteindelijk voldoende materiaal bleek om de winst binnen te halen. 1-0
 
Henk van der Tol - Sebastiaan Ketting 
In een door beide fronten rustig opgezette partij kreeg wit een penning over de e-lijn tegen een nog niet gerokeerde zwarte koning. De ruil van enkele stukken zorgde ervoor dat zwart in het centrum kon consolideren, waarna er een gelijke stelling overbleef. Wit had echter nog steeds een voorsprong in ontwikkeling en wist zwart met de twee paarden flinke kopzorgen te bezorgen. Na de ruil van wat lichte stukken kwamen er zwaktes in de zwarte stelling, die door wit keurig werden uitgebuit. 1-0
 
Hans Knigge - Frans Hoynck van Papendrecht
 Zwart trok in deze partij fel van leer tegen een wellicht wat onhandige witte openingsopzet. Reeds vroeg in de partij had zwart een kwaliteit bemachtigd en bleef aanvalskansen tegen de witte koning houden omdat deze de natuurlijke bescherming van de f- en g-pion miste. In het middenspel bleef zwart een kwaliteit voorstaan en aanvalskansen tegen de witte koning houden. Wit vocht dapper tegen de zwarte dreigingen, maar uiteindelijk gaf het zwarte overwicht de doorslag. 0-1
 
Tony Goudriaan - Roel Leezer
 In een dicht centrum met witte dominantie op de zwarte centrumvelden tegen zwarte dominantie op de witte centrumvelden sloeg zwart vlug op c5. Later besloot wit de zwarte d-pion te betwisten met c2-c4 en ruil van de witte c-pion tegen zwarts damepion. Hierdoor kwam het zwarte spel op de damevleugel tot leven, waartegen wit hintte naar een aanval op de koningsvleugel met h2-h4. Het leek de vraag te worden wie eerder met de aanval zou zijn. De partij gaf voor deze vraag geen uitsluitsel: na een flink getouwtrek in het centrum werd uiteindelijk voor remise getekend. ½-½
 
Bart van Strien - Vincent Geerlings
 In deze partij gingen de dames vrij snel in de doos. Veel mensen hebben het idee dat dameruil de stelling vereenvoudigt (wat klopt) en dat daardoor het venijn uit de stelling gehaald werd (wat hier niet logischerwijs uit volgt). Deze partij toonde aan dat ook zonder dames de stelling gevaarlijk en vol aanvalskansen kan zitten. Zwart pakte veel ruimte in het centrum met d5-d4, waardoor wit een paard op e4 kon zetten. Hoewel de partij na pionnenruil op f3 in evenwicht was, was er nog steeds iets om voor te spelen. Wit had een pion op c5 weten te krijgen, die in combinatie met actieve stukken een druk op het veld d6 kon zetten. Maar zwart kreeg het initiatief en trok ten strijde op de koningsvleugel en wist met zijn paarden de witte pionnen op f3 en g3 zodanig te pesten dat de pionnen een zwakte gingen vertonen. Ondersteund door de twee zwarte lopers, waarbij Lf5 heel sterk was, kwam zwart even later een pion voor en wist dit voordeel later uit te bouwen tot winst. 0-1
 
Jerrel Thakoerdien - Michaël van Liempt
In een van twee kanten experimentele openingsopzet pakte wit veel ruimte in het centrum, terwijl zwart met man en macht probeerde om niet onder de voet gelopen te worden. De strategische contouren van het gevecht bleven lange tijd onduidelijk, hoewel wit wel met voordeel uit de opening kwam. Om iets tegen te werpen besloot zwart het centrum met d7-d5 op te blazen. De gevolgen van deze zet waren niet helemaal te overzien, maar zwart kreeg hierna wel tegenspel. De zwarte kansen op de damevleugel liepen stuk, terwijl aan de andere kant van het bord een snelle beslissing kwam. Met een elementair kwaliteitsoffer op f6 en een sluw tussenschaak met de dame op g4 werd de zaak vakkundig afgerond. 1-0
 
Marco de Groot - Stijn Gieben
 In een opening met een snel e7-e6 en c7-c5 van zwart ruilde wit op c6 een paard. Dit zorgde ervoor dat zwart een nieuwe c-pion kreeg die een nieuwe centrumdoorbraak met d7-d5 kon ondersteunen. Om dit plan te bemoeilijken speelde wit de loper naar g5 en ruilde op f6 het andere zwarte paard af. De gevolgen waren dat wit de zwarte koning permanent in het centrum kon houden en op f6 een permanent zwakke pion had om tegen te spelen; daartegenover stond dat zwart behalve het loperpaar ook de beschikking kreeg over een open g-lijn, die de torens goed konden benutten om een initiatief tegen de witte koning op g1 te ontketenen. Terwijl de witte aanval op de damevleugel niet doorsloeg, bleek de zwarte van orkaankracht: zwart verschafte zich middels een torenoffer op g2 toegang tot de witte koning, waarna de gecombineerde kracht van zwarts toren, lopers en pion winnend bleek. 0-1
 
Timo van Peursen - Doeke Huitema
 Zwart stelde zich in deze partij compact maar stevig op. Wit kreeg hierdoor veel ruimte over het gehele bord, verschafte zich een open d-lijn en trok met c4-c5 het centrum open. Wit vergrootte de druk op de zwarte damevleugel, maar daartegenover kreeg zwart controle over de witte centrumvelden. Na de ruil van de lichte stukken verdween zwarts h-pion van het bord. Het is in zo'n geval altijd maar de vraag wat er zwaarder weegt: het materiaal van een pion of de open lijn die de pion achterlaat. In dit geval wist zwart snel en efficiënt de stukken op de h-lijn te concentreren tegen de witte koning, die hiermee in gevaar kwam. Wit leek echter aan het langste eind te trekken toen hij erin slaagde een aanval tegen de zwarte koning in te zetten, maar dit bleek geen juist stellingsoordeel. Aan het eind van de avond wist zwart met dame en toren een matnet rond de witte koning dicht te knopen. 0-1
 
 
Davo van Peursen - Harry van der Stap
Wit gaf in een min of meer gelijke stelling snel de spanning in het centrum op door c4-c5 te spelen. Deze manier van ruimte pakken resulteert er vaak in dat de rek uit de witte stelling gaat en zwart overblijft met een stevige centrumstelling en een vrijbrief om zelf een initiatief tegen de witte pionstelling voor te bereiden. Wit weet in deze partij echter de aandacht op de damevleugel vast te houden, waardoor zwart moest verdedigen. De opening van enkele lijnen bracht wit verder in het voordeel, en enige tijd later wist wit ook in het centrum een ver opgespeelde pion te verkrijgen. Door de ruil van meerdere stukken werd de uiteindelijke betekenis van de ver opgespeelde witte pionnen steeds groter. Toen de hele stelling afgewikkeld was, trok wit uiteindelijk aan het langste eind: na ruil van de laatste toren stond de zwarte koning te ver weg om de witte c-pion tegen te houden. 1-0
 
Atze Metz - Rob van Helvoort
In deze partij nam wit het centrum in handen door de pionnen op d4 en c4 te zetten. Zwart bereidde in de tussentijd een eigen centrumstoot voor door eerst de zwartveldige loper op c3 te ruilen voor het witte damepaard en vervolgens de pionnen op de zwarte velden d6 en e5 te zetten. Toen de d-lijn geopend werd en zwart met e5-e4 weliswaar meer ruimte had gepakt maar ook zijn stelling enigszins had gecompromitteerd, volgde een lange slijtageslag waarin bijna alle stukken werden geruild en er alleen maar witveldige lopers en pionnen op het bord overbleven. Wit wist een pion te bemachtigen, maar zwart had een vrijpion. Met een handige truc wist zwart de lopers te ruilen en een pion naar de overkant te brengen. Wit kreeg echter een vrijpion op h7, waardoor zwart lichtelijk in de war raakte. Geplaagd door de klok, besloot zwart de gehele koningsvleugel op te ruimen en er een race voor de a-pion van te maken. Hierbij had hij zich echter verrekend, en de witte koning was precies op tijd terug om te voorkómen dat de zwarte a-pion door zou lopen. ½-½
 
Roelof van Marle - Yuri Hauser
In een rustige openingsopzet tastte zwart vrij snel het witte centrum aan met d7-d5. Na de lange rokade van zwart blijft hij over met een pion op e3, die bij gebrek aan ondersteuning een zekere zwakte begon te vertonen. Toen deze na een onnauwkeurigheid van wit geruild werd voor de zwarte f-pion, werd de stelling voor zwart iets prettiger, maar wit hield nog steeds voordeel op de damevleugel doordat het witte initiatief verder ontwikkeld was dan het zwarte. Na een flink aantal verwikkelingen, ruil van veel stukken en een groeiende tijdsdruk van zwart kwam wit een stuk voor. Beide spelers misten op hetzelfde ingewikkelde moment een mogelijkheid om de dame van de tegenstander te winnen, waardoor het extra stuk uiteindelijk de beslissende factor bleek. 1-0
 
Peter Gaemers - Hans Hulshof
In een spannende partij ging zwart zeer vroeg in op de aangeboden witte c-pion. Zwart trok vervolgens op de damevleugel ten strijde en leek een exclusief feestje op de a-, b- en c-lijn te hebben georganiseerd. De zwarte koning was echter niet uitgenodigd en bleef eenzaam op e8 staan, waartegen wit de loper op f6 en de dame op h6 wist te krijgen. Toen het feestje op de damevleugel was afgelopen, resteerde een toreneindspel waarin wit twee pionnen minder had. Hij probeerde met schaakjes en een actief pionoffer f4-f5 de stelling nog te compliceren, maar de twee zwarte vrijpionnen op de damevleugel, ondersteund door de toren, bleken voor de witte koning en toren toch teveel van het goede. 0-1
 
Michaël van Liempt
 
 
 
Een drukke avond op de vereniging wederom. Het derde speelde een externe competitiewedstrijd tegen SHTV (waarvoor jullie verslaggever ook nog eens wedstrijdleider was), dus er ontbraken in de interne competitie wat van onze smaakmakers. Niettemin hadden we dertien partijen aan de gang.
 
Valerie Janssen - Sebastiaan Ketting 
In het damegambiet werd vroeg op d5 geruild. Gedurende de hele partij is het evenwicht in de stelling niet noemenswaardig veranderd, en hoewel er van beide kanten allicht nog iets in de stelling had gezeten om voor te spelen, werd tot remise besloten. ½-½
 
Tomás Gallardo Bañez - Stijn Gieben
In een Engelse partij werd vroeg de witte c-pion voor de zwarte d-pion geruild. Hiermee verschafte zwart zich mooie open lijnen voor zijn stukken en een goed paard op d5. Wit pakte het daarna onhandig aan, en een goed getimed Lc8-g4 van zwart maakte bracht wit zodanig in de problemen dat hij zich genoodzaakt voelde de vlag te strijken. 0-1
 
Mireille Rubert - Albert Kool
 In een damepionopening waarin wit de loper naar de lange diagonaal ontwikkeld had, bereidde zwart sluw de ruil van deze loper voor door de eigen witveldige loper eerst te ondersteunen met de dame en daarna Lh3 te spelen. Wit rokeerde kort en zwart lang, waarmee beide partijen voor de aanval konden gaan.
Toen de stelling in het midden open kwam, kon wit een dubbele aanval uitvoeren. Daarna bleef wit het initiatief houden, en toen wit nog meer materiaal wist buit te maken, vond zwart het genoeg. 1-0
 
Joanna van Schaïk - Roelof van Marle
In een opening waarbij wit en zwart een loper op de lange diagonalen hadden gezet, kreeg wit de gelegenheid de zwarte loper op g7 te ruilen met een door de dame ondersteunde loperuitval naar h6. Hierdoor kreeg wit een paard op e5.
Verdere ruil van lopers en paarden onderstreepte dat de loper op c8 niet echt productief was. Maar ergens verrekende wit zich bij de massale liquidatie, want zwart hield een toren tegen een paard en een pion over. Hoewel zwart na Lxd5 nog stukwinst miste met Txc3, bleef de stelling voor zwart gewonnen. Aan het eind van de partij verrekende zwart zich en verloor een toren, zodat wit alsnog met een punt naar huis ging. 1-0
 
Michaël van Liempt - Marco de Groot
In de Grünfeld, een normaal gesproken scherpe opening waarin wit een machtig centrum krijgt en zwart daarmee een plan voor de rest van de partij krijgt, koos wit voor een minder bedreigende opstelling. Zwart kreeg daarmee de gelegenheid om het centrum open te gooien en kreeg hiermee een gezonde stelling.
Nadat van twee kanten de ontwikkeling voltooid was, kwam het met 17. e4 tot ingewikkelde complicaties, waarbij tot remise werd besloten omdat niemand meer kon zeggen wie er beter stond. ½-½
 
Jelle Bulthuis - Alexander Cupido
In een Spaanse partij met een vroeg f7-f5 waren er complicaties voordat beide partijen goed en wel uit de startblokken verdwenen waren. Wit kwam heel snel met de dame op h8 op bezoek, maar de dame had daar weinig perspectief op bevrijding. Wit moest uiteindelijk materiaal geven om de dame niet te verliezen, en de stelling verwerd tot een eindspel met voor wit wit twee torens en een paar extra pionnen, en voor zwart zwart een toren, loper en paard. Een van de witte pionnen sneuvelde, waar wit een penning over de d-lijn voor terugkreeg.
Toen beide koningen geactiveerd waren, bleek dat het eindspel dynamisch in evenwicht was.½-½
 
Thomas de Ruiter - Bas van der Berg
Een getouwtrek in het centrum leidde uiteindelijk tot een stelling waarin wit een geïsoleerde damepion had en zwart iets minder ruimte. Het opspelen van de pion, normaal gesproken een plan om naar uit te kijken, bleek in dit geval vooral zwart kansen te geven. Toen de pion verloren ging, kreeg wit wel wat compensatie in de vorm van actieve stukken en ongelijke lopers, maar zwart wist alle dreigingen het hoofd te bieden. Toen wit daarna een stuk weg gaf, was het pleit beslecht. 0-1
 
Vincent Geerlings - Harry van der Stap
 Ook in deze partij was er sprake van getouwtrek in het centrum dat leidde tot een stelling met een geïsoleerde damepion. Zwart wachtte in deze partij iets te lang met het voltooien van de ontwikkeling en betaalde daar een hoge prijs voor. Wit wist de stelling in het centrum te openen en kreeg daarmee aanvalskansen tegen een nog niet gerokeerde zwarte monarch, die vooral nog graag een pion op f7 had gehad. Zwart verdedigde zich dapper, maar de witte kansen bleken uiteindelijk teveel voor de zwarte stelling. 1-0
 
Jan Kommer - Henk van der Tol
 
Wit stelde zich op met beide lopers op de lange diagonalen, waarvoor zwart zich in het centrum compact opstelde. Wit begon met een iets actievere stelling, maar zwart had vooralsnog geen zwaktes.
De ruil van de paarden bracht verlichting voor de ietwat gedrongen zwarte stelling, en na de zwarte rokade was de stelling ongeveer in evenwicht. Maar plotseling ontging het wit in een klein moment van verstandsverbijstering dat veld d1 iets te vaak aangevallen stond, zodat hij een toren kwijtraakte en de handdoek in de ring kon gooien. 1-0
 
Peter Ketting - Yuri Hauser
 In een systeem waarin wit een gezonde en harmonieuze ontwikkeling nastreefde, liet hij het één zet te lang na om de loper op f4 met h2-h3 een schuilplaats te geven; zwart profiteerde hiervan door met het paard de loper af te ruilen en daarmee een verzwakking in de witte pionstructuur te bewerkstelligen. Na beiderzijds lange rokade werd het centrum het oorlogsterrein.
Wit wist op het juiste moment de spanning in het centrum op te heffen en nam een stuk mee. Met een stuk meer is het meestal wel handig om stukken te ruilen, maar daarbij geldt vaak ook: probeer zoveel mogelijk pionnen te behouden. Wit ruilde inderdaad veel stukken af, maar in het eindspel bleek het witte paard te korte benen te hebben om aan twee kanten mee te helpen. Hierdoor wist zwart uiteindelijk alle witte pionnen te ruilen, waardoor er voor beide partijen geen winst meer mogelijk was.  1/2 -1/2
  
Bart van Strien - Roel Leezer
In een opstelling van een pion op c4, een paard op c3 en een loper op g2 probeerde zwart een originele strategie na te streven: met de loper ruilen op c3 om aldus de witte pionstructuur te verzwakken en vervolgens alle aandacht te richten op de pion op c4. Dit had echter meer nadelen dan voordelen: met deze ruil waren de zwarte velden op de koningsvleugel chronisch verzwakt, en wit wist met de loper op h6 de witte rokade duurzaam te verhinderen. Met het verhinderen van de rokade kreeg wit ook een langdurig kansrijk initiatief tegen een zwarte koning die als een rat in de val zat. Met Pg5, Df6 en Td1 hing er een matnet in de lucht. Wit miste na een vernederende terugtocht van het zwarte paard een kans om de partij ogenblikkelijk te beslissen, en kort erna werd de partij op miraculeuze wijze remise. 1/2 - 1/2
 
Bauke Hoogland - Peter Gaemers
 In een opstelling met witte pionnen op e4 en f4 ruilde wit de witveldige loper voor een paard, met het doel om op de koningsvleugel snel tot aanval te komen. Met de sterke blokkadezet f7-f5 stopte zwart de witte opmars. Het positioneel ongelukkige e4-e5 maakte dat de witte zwartveldige loper de rest van de partij werkloos tegen de eigen pionnen aan mocht kijken. Zwart kreeg aldus een ijzeren greep op het centrum en kon naar hartenlust een doorbraak op de damevleugel voorbereiden. Ook de opoffering van een kwaliteit bood geen soelaas: toen zwart klaar stond om op de damevleugel het plan ten uitvoer te brengen, wachtte wit het noodlot niet meer af. 0-1
 
Jerrel Thakoerdien - Atze Metz
In de langste partij van de avond kwam een stelling op het bord waarin wit zich met d4-d5 ruimte in het centrum toe-eigende, maar waarvoor zwart in de plaats een meerderheid op de damevleugel kreeg die op lange termijn kon worden ondersteund door de loper op g7.
Wit manoeuvreerde een paard c4, dat er door een zwarte loper af werd geslagen. Terwijl wit een betonmuur op de witte velden neerzette, moest zwart laten zien dat het damepaard een toekomst in de partij had. Met b7-b5 bereidde zwart de dynamische kansen op de damevleugel voor, met het vooruitzicht om de pionnenmeerderheid op de damevleugel om te zetten in een vrijpion.
De ruil van de witveldige loper bracht de materiële zaken weer in evenwicht. Zwart moest secuur te werk gaan om de druk op de damevleugel te vergroten. Met de opmars van de b-pion naar b3 werd de witte b-pion op b2 vastgelegd en werd wit gedwongen tot een lange partij verdedigen.
Het enige zwakke punt in de zwarte stelling was de pion op d6, maar deze pion was vooralsnog niet in gevaar. Ook met een witte toren op a6 genoot de zwarte d-pion afdoende bescherming.
Lange tijd leek zwart aan het langste eind te trekken. Maar toen wit erin slaagde de zwarte loper te ruilen, keerden de kansen. Plotseling bleek de zwarte zwartveldige loper behalve een gevaarlijke moordenaar ook een belangrijke verdediger van de witte koning. De aanval leek uit het niets te komen: met f3-f4 en e4-e5 was het plotseling wit die de touwtjes in handen had, en na Pe4-f6+ en Dd2-c3 stortte de zwarte stelling ineens als een kaartenhuis in elkaar.  1-0