Verslagen
Deze avond geen externe perikelen, dus de interne was druk bezet. Zo druk zelfs dat we de overweging moesten maken of we enkele partijen in de C-zaal ernaast zouden doen. Uiteindelijk was dit niet nodig: met een extra tafel in de L-zaal konden alle zeventien partijen beginnen.
 
Bauke Hoogland - Floris Lantzendörffer
 In een Franse opening werden beide zwarte lopers geruild tegen een loper en een paard van wit. Hoewel dit meestal voor zwart voordeel oplevert, liet de witspeler zien dat een loper ook in dichte stellingen soms een sterk stuk kan zijn.
Na dameruil voerde wit de druk tegen de zwarte pionnen op de damevleugel sterk op met a2-a4, waardoor de a-lijn open kwam voor de witte torens. Zwart bleek geen antwoord te hebben op het witte geweld en staakte de strijd voordat hij werd overrompeld. 1-0
 
Edwin Mulders - Hendrik Steffers
 In deze partij werd snel vereenvoudigd tot een middenspel waarin de dames en de c-, d- en e-pionnen verdwenen waren. Wit had iets actievere stukken en wist hierdoor het loperpaar te bemachtigen. Dit werd later verruild voor iets actievere torens en de hoop op aanknopingspunten. Zwart bleef echter stoïcijns overeind, en toen er in het eindspel met beiderzijds twee torens en ongelijke lopers geen aanknopingspunten meer waren, werd tot remise besloten. ½-½
 
 Albert Kool - Peter Ketting
 Zwart stelt een compact maar stevig centrum op tegen een gezonde witte ontwikkeling. Zwart besloot enthousiast de aanval op de witte koningsvleugel in te zetten met de g-pion. Hierdoor kwam de stelling op de koningsvleugel open, maar het was nog maar de vraag voor wie dit het meest gunstig was.
Zwart kreeg met zijn initiatief wel mooie open aanvalslijnen, maar daarvoor in ruil kreeg wit wat materiaal meer. Lange tijd leek het voor zwart verkeerd te gaan, totdat wit zijn belangrijkste verdediger met een taak teveel opzadelde en zwart ineens kon profiteren. 0-1
 
 
Bas van der Berg - Jelle Bulthuis
In een Semi-Slavische verdediging trok zwart vroeg ten strijde tegen de witte damevleugel. Wit zocht zijn heil aan de andere kant van het bord en wist met Pg5 druk op de zwarte stelling uit te oefenen. Deze druk werd versterkt met de manoeuvre van de dame naar h6 en later g7, waardoor positie van de zwarte koning op e8 onveilig werd. De koning besloot naar b7 te rennen, maar dat mocht niet meer baten. De witte aanval was te veel. 1-0
 
Alexander Cupido - Erik van Dop
In het Koningsgambiet, een opening waarin wit een pion opoffert voor een snelle ontwikkeling, kreeg wit snel een mooi centrum. In ruil voor de witte activiteit kreeg zwart een enorme sloot aan pionnen op de koningsvleugel en een permanent kale witte koningsstelling. Wat weegt zwaarder: materieel voordeel of dynamisch voordeel?
Wit offerde met het venijnige Lxf7+ een stuk dat zwart niet mocht nemen omdat daarna de witte aanval beslissend zou worden. In plaats daarvan stuurde zwart aan op ruil van enkele stukken om de verdediging te verlichten. Na deze vereenvoudiging hield zwart nauwelijks materieel voordeel over, terwijl wit nog altijd aanvalskansen tegen de zwarte koning had. Deze aanvalskansen deden zwart uiteindelijk de das om. 1-0
 
Jan Kommer - Mireille Rubert
Wit had een rustige en harmonieuze openingsopzet, waartegen zwart een bolwerk in het centrum neerzette met pionnen op c5, d6 en e5 (een pionformatie die de naam van de voormalige wereldkampioen Botwinnik draagt). Na ruil van de paarden tastte wit het bolwerk aan met een sterke pionzet, die er tevens voor zorgde dat de lijnen voor de andere stukken richting de koningsvleugel open kwamen. Wit won op de koningsvleugel een toren tegen een loper, wat uiteindelijk voldoende materiaal bleek om de winst binnen te halen. 1-0
 
Henk van der Tol - Sebastiaan Ketting 
In een door beide fronten rustig opgezette partij kreeg wit een penning over de e-lijn tegen een nog niet gerokeerde zwarte koning. De ruil van enkele stukken zorgde ervoor dat zwart in het centrum kon consolideren, waarna er een gelijke stelling overbleef. Wit had echter nog steeds een voorsprong in ontwikkeling en wist zwart met de twee paarden flinke kopzorgen te bezorgen. Na de ruil van wat lichte stukken kwamen er zwaktes in de zwarte stelling, die door wit keurig werden uitgebuit. 1-0
 
Hans Knigge - Frans Hoynck van Papendrecht
 Zwart trok in deze partij fel van leer tegen een wellicht wat onhandige witte openingsopzet. Reeds vroeg in de partij had zwart een kwaliteit bemachtigd en bleef aanvalskansen tegen de witte koning houden omdat deze de natuurlijke bescherming van de f- en g-pion miste. In het middenspel bleef zwart een kwaliteit voorstaan en aanvalskansen tegen de witte koning houden. Wit vocht dapper tegen de zwarte dreigingen, maar uiteindelijk gaf het zwarte overwicht de doorslag. 0-1
 
Tony Goudriaan - Roel Leezer
 In een dicht centrum met witte dominantie op de zwarte centrumvelden tegen zwarte dominantie op de witte centrumvelden sloeg zwart vlug op c5. Later besloot wit de zwarte d-pion te betwisten met c2-c4 en ruil van de witte c-pion tegen zwarts damepion. Hierdoor kwam het zwarte spel op de damevleugel tot leven, waartegen wit hintte naar een aanval op de koningsvleugel met h2-h4. Het leek de vraag te worden wie eerder met de aanval zou zijn. De partij gaf voor deze vraag geen uitsluitsel: na een flink getouwtrek in het centrum werd uiteindelijk voor remise getekend. ½-½
 
Bart van Strien - Vincent Geerlings
 In deze partij gingen de dames vrij snel in de doos. Veel mensen hebben het idee dat dameruil de stelling vereenvoudigt (wat klopt) en dat daardoor het venijn uit de stelling gehaald werd (wat hier niet logischerwijs uit volgt). Deze partij toonde aan dat ook zonder dames de stelling gevaarlijk en vol aanvalskansen kan zitten. Zwart pakte veel ruimte in het centrum met d5-d4, waardoor wit een paard op e4 kon zetten. Hoewel de partij na pionnenruil op f3 in evenwicht was, was er nog steeds iets om voor te spelen. Wit had een pion op c5 weten te krijgen, die in combinatie met actieve stukken een druk op het veld d6 kon zetten. Maar zwart kreeg het initiatief en trok ten strijde op de koningsvleugel en wist met zijn paarden de witte pionnen op f3 en g3 zodanig te pesten dat de pionnen een zwakte gingen vertonen. Ondersteund door de twee zwarte lopers, waarbij Lf5 heel sterk was, kwam zwart even later een pion voor en wist dit voordeel later uit te bouwen tot winst. 0-1
 
Jerrel Thakoerdien - Michaël van Liempt
In een van twee kanten experimentele openingsopzet pakte wit veel ruimte in het centrum, terwijl zwart met man en macht probeerde om niet onder de voet gelopen te worden. De strategische contouren van het gevecht bleven lange tijd onduidelijk, hoewel wit wel met voordeel uit de opening kwam. Om iets tegen te werpen besloot zwart het centrum met d7-d5 op te blazen. De gevolgen van deze zet waren niet helemaal te overzien, maar zwart kreeg hierna wel tegenspel. De zwarte kansen op de damevleugel liepen stuk, terwijl aan de andere kant van het bord een snelle beslissing kwam. Met een elementair kwaliteitsoffer op f6 en een sluw tussenschaak met de dame op g4 werd de zaak vakkundig afgerond. 1-0
 
Marco de Groot - Stijn Gieben
 In een opening met een snel e7-e6 en c7-c5 van zwart ruilde wit op c6 een paard. Dit zorgde ervoor dat zwart een nieuwe c-pion kreeg die een nieuwe centrumdoorbraak met d7-d5 kon ondersteunen. Om dit plan te bemoeilijken speelde wit de loper naar g5 en ruilde op f6 het andere zwarte paard af. De gevolgen waren dat wit de zwarte koning permanent in het centrum kon houden en op f6 een permanent zwakke pion had om tegen te spelen; daartegenover stond dat zwart behalve het loperpaar ook de beschikking kreeg over een open g-lijn, die de torens goed konden benutten om een initiatief tegen de witte koning op g1 te ontketenen. Terwijl de witte aanval op de damevleugel niet doorsloeg, bleek de zwarte van orkaankracht: zwart verschafte zich middels een torenoffer op g2 toegang tot de witte koning, waarna de gecombineerde kracht van zwarts toren, lopers en pion winnend bleek. 0-1
 
Timo van Peursen - Doeke Huitema
 Zwart stelde zich in deze partij compact maar stevig op. Wit kreeg hierdoor veel ruimte over het gehele bord, verschafte zich een open d-lijn en trok met c4-c5 het centrum open. Wit vergrootte de druk op de zwarte damevleugel, maar daartegenover kreeg zwart controle over de witte centrumvelden. Na de ruil van de lichte stukken verdween zwarts h-pion van het bord. Het is in zo'n geval altijd maar de vraag wat er zwaarder weegt: het materiaal van een pion of de open lijn die de pion achterlaat. In dit geval wist zwart snel en efficiënt de stukken op de h-lijn te concentreren tegen de witte koning, die hiermee in gevaar kwam. Wit leek echter aan het langste eind te trekken toen hij erin slaagde een aanval tegen de zwarte koning in te zetten, maar dit bleek geen juist stellingsoordeel. Aan het eind van de avond wist zwart met dame en toren een matnet rond de witte koning dicht te knopen. 0-1
 
 
Davo van Peursen - Harry van der Stap
Wit gaf in een min of meer gelijke stelling snel de spanning in het centrum op door c4-c5 te spelen. Deze manier van ruimte pakken resulteert er vaak in dat de rek uit de witte stelling gaat en zwart overblijft met een stevige centrumstelling en een vrijbrief om zelf een initiatief tegen de witte pionstelling voor te bereiden. Wit weet in deze partij echter de aandacht op de damevleugel vast te houden, waardoor zwart moest verdedigen. De opening van enkele lijnen bracht wit verder in het voordeel, en enige tijd later wist wit ook in het centrum een ver opgespeelde pion te verkrijgen. Door de ruil van meerdere stukken werd de uiteindelijke betekenis van de ver opgespeelde witte pionnen steeds groter. Toen de hele stelling afgewikkeld was, trok wit uiteindelijk aan het langste eind: na ruil van de laatste toren stond de zwarte koning te ver weg om de witte c-pion tegen te houden. 1-0
 
Atze Metz - Rob van Helvoort
In deze partij nam wit het centrum in handen door de pionnen op d4 en c4 te zetten. Zwart bereidde in de tussentijd een eigen centrumstoot voor door eerst de zwartveldige loper op c3 te ruilen voor het witte damepaard en vervolgens de pionnen op de zwarte velden d6 en e5 te zetten. Toen de d-lijn geopend werd en zwart met e5-e4 weliswaar meer ruimte had gepakt maar ook zijn stelling enigszins had gecompromitteerd, volgde een lange slijtageslag waarin bijna alle stukken werden geruild en er alleen maar witveldige lopers en pionnen op het bord overbleven. Wit wist een pion te bemachtigen, maar zwart had een vrijpion. Met een handige truc wist zwart de lopers te ruilen en een pion naar de overkant te brengen. Wit kreeg echter een vrijpion op h7, waardoor zwart lichtelijk in de war raakte. Geplaagd door de klok, besloot zwart de gehele koningsvleugel op te ruimen en er een race voor de a-pion van te maken. Hierbij had hij zich echter verrekend, en de witte koning was precies op tijd terug om te voorkómen dat de zwarte a-pion door zou lopen. ½-½
 
Roelof van Marle - Yuri Hauser
In een rustige openingsopzet tastte zwart vrij snel het witte centrum aan met d7-d5. Na de lange rokade van zwart blijft hij over met een pion op e3, die bij gebrek aan ondersteuning een zekere zwakte begon te vertonen. Toen deze na een onnauwkeurigheid van wit geruild werd voor de zwarte f-pion, werd de stelling voor zwart iets prettiger, maar wit hield nog steeds voordeel op de damevleugel doordat het witte initiatief verder ontwikkeld was dan het zwarte. Na een flink aantal verwikkelingen, ruil van veel stukken en een groeiende tijdsdruk van zwart kwam wit een stuk voor. Beide spelers misten op hetzelfde ingewikkelde moment een mogelijkheid om de dame van de tegenstander te winnen, waardoor het extra stuk uiteindelijk de beslissende factor bleek. 1-0
 
Peter Gaemers - Hans Hulshof
In een spannende partij ging zwart zeer vroeg in op de aangeboden witte c-pion. Zwart trok vervolgens op de damevleugel ten strijde en leek een exclusief feestje op de a-, b- en c-lijn te hebben georganiseerd. De zwarte koning was echter niet uitgenodigd en bleef eenzaam op e8 staan, waartegen wit de loper op f6 en de dame op h6 wist te krijgen. Toen het feestje op de damevleugel was afgelopen, resteerde een toreneindspel waarin wit twee pionnen minder had. Hij probeerde met schaakjes en een actief pionoffer f4-f5 de stelling nog te compliceren, maar de twee zwarte vrijpionnen op de damevleugel, ondersteund door de toren, bleken voor de witte koning en toren toch teveel van het goede. 0-1
 
Michaël van Liempt
 
 
 

Je hebt geen rechten om te reageren