Verslagen
Vanwege onder meer de aanvang van het Tata Steel Chess Tournament (voorheen het Corus Schaaktoernooi en daarvoor het Hoogovens Schaaktoernooi) in Wijk aan Zee was het vanavond een iets rustiger avond dan normaal. Enkele van ons gaan nog in Wijk aan Zee een toernooi spelen, en enkele gaan er nog een paar dagen heen om het grootmeesterspektakel gade te slaan.
Met 12 partijen was er echter meer dan genoeg spektakel ook in de interne competitie van S.G. Rijswijk.
 
Roelof van Marle - Peter Ketting 
In deze partij werden de e-pionnen snel tegen elkaar geruild. Wit had door het drukkende spel van zwart moeite om een effectieve verdedigingsopstelling in te nemen. Zwart won in de verwikkelingen een kwaliteit, waarna wit iets meer ademruimte kreeg. Wit wist een koningsaanval op touw te zetten, maar deze was veel minder gevaarlijk dan op het eerste gezicht leek. Zwart overleefde de aanval, waarna het materiële overwicht de doorslag gaf. 0-1
 
Hans Jan van Kralingen - Doeke Huitema 
In een opening waarin zwart koos voor minder ruimte maar een stevige positie, besloot wit direct om veel ruimte te pakken in het centrum en op de koningsvleugel. Zwart stelde de tegenaanval tegen het witte centrum met de zet c7-c5 echter iets te lang uit. Wit kreeg hierdoor de tijd om met e4-e5 de druk op te voeren, waardoor zwart ineens voor zijn leven moest vrezen. Zwart besloot op f3 een kwaliteit te offeren, maar het witte aanvalsspel werd hier niet door afgezwakt. De aanval liep gesmeerd verder, en het duurde dan ook niet lang voordat zwart besloot om de strijd te staken.  1-0
 
Frans Hoynck van Papendrecht - Michaël van Liempt
In deze partij legde wit binnen enkele zetten de kaarten op tafel: met een vroeg f2-f4 liet wit doorschemeren dat het aanvalsplan de zwarte koningsvleugel betrof. In ruil hiervoor kreeg zwart iets meer ruimte in het centrum. Wit besloot met Pf3-e5xc6 de zwarte pionstructuur te verslechteren en leek de verdubbelde c-pion als een nieuw doelwit op de korrel te willen nemen. Zwart kreeg echter de gelegenheid om met e7-e5 de e-lijn te openen en aanvalskansen op te bouwen. In de verdediging overzag wit dat de zwarte dame op h4 een dubbele aanval kon geven. Direct daarna kwam het zwarte legioen over de koningsvleugel binnen. Wit ruilde het vervelende paard op e5, maar hier kwam een toren voor terug. De aanwezigheid van ongelijke lopers maakt dat de aanvalskansen vrijwel zeker doorslaan, en zo geschiedde ook in deze partij. De zwarte dame op g3 en de toren op g5 werkten goed met de loper op e3 samen om het matnet rond de witte koning dicht te knopen. 0-1
  
Albert Kool - Peter Gaemers
Zwart had in deze partij een stevig bolwerk op de witte centrumvelden neergezet, waardoor de witte loper op g2 tegen een betonnen muur aan zat te kijken. Door ruil van een paard op g6 kreeg wit het plan om met de h-pion de stelling open te breken. Zwart moest hierdoor in het centrum en op de damevleugel aan de noodrem trekken en wist met de loper een penning tegen het ongedekte paard op c3 te brengen. Na een langdurig getouwtrek kwamen er voor beide partijen wat mogelijkheden in het centrum. Wit leek ook op koningsaanval af te kunnen stevenen, maar op een raadselachtige manier verdampte ineens de helft van de witte stukken. 0-1
  
Henk van der Tol - Bauke Hoogland 
In een stelling waarin zwart bedacht had om tegen de witte velden te spelen, zette wit de loper op g2 neer. Zwart kreeg echter iets meer ruimte in het centrum en wist iets handiger de stukken te ontwikkelen. Wit maakte aanstalten om met d2-d4 ruimte in het centrum te pakken, maar hiertoe kwam het niet. Zwart trok met g5 ten strijde tegen de witte koning. De witte dame kwam weliswaar op h5, maar had geen contact met hulptroepen om een aanknopingspunt te belegeren. Zwart was intussen met de toren op d3 gekomen en viel val opzij de witte koningsvleugel aan. De samenwerking van de toren met de lopers op f5 en c5 en de dame op e5 brachten een snelle beslissing in het voordeel van zwart. 0-1
  
Rob Felix - Joanna van Schaïk
In een dichte stelling waarin zwart de aandacht richtte op de zwarte velden in het centrum, pakte wit de witte velden. De stelling leek lange tijd in evenwicht, maar zwart had met de samenwerking tussen loper en dame de witte loper op g2 weten te ruilen en had hierin een aanknopingspunt voor een aanval weten te kweken. Wit richtte intussen de aandacht op de damevleugel en verdubbelde de torens op de b-lijn. Zwart was genoodzaakt om hierop te reageren. Wit kreeg vervolgens de gelegenheid om de torens te ruilen, waarna zwart iets meer zwakke pionnen overhield. Wit liet vervolgens echter de loper insluiten, waardoor zwart ineens voor de winst kon gaan. Nadat de dames geruild waren, had wit geen tegenkansen meer en werd het materiële overwicht langzaam maar zeker beslissend. 0-1
  
Bas van der Berg - Rob van Helvoort 
In een klassieke partij kreeg wit meer ruimte in het centrum en op de damevleugel, en zwart probeerde om wat meer ruimte en aanvalskansen op de koningsvleugel te pakken. Wit speelde de dame naar b3, maar kon niet direct een aanknopingspunt vinden. Na een brede vereenvoudiging van de stelling wist wit een pion op d6 te krijgen, maar deze kon worden geruild. In de resterende stelling had wit het loperpaar, maar zwart had te weinig zwaktes om gebruik van te kunnen maken. Ruil van enkele pionnen leverde voor geen van beide spelers een wezenlijke verbetering van de stelling op, en de partij eindigde dan ook in remise. ½-½
  
Harry van der Stap - Alexander Cupido 
In deze partij probeerde zwart de stelling al in een vroeg stadium te compliceren. Wit koos ervoor om deze complicaties niet toe te laten en daarentegen een rustiger speltype na te streven. Dat lukte prima: de zwarte loper strandde voor lange tijd op h5, en tegenover het zwarte paard op e4 had wit de dame op b3 neergezet om voldoende druk op de zwarte damevleugel uit te oefenen. Lange tijd gebeurde er niets. Er werden hier en daar wat stukken geruild, en zwart wist iets meer ruimte en een loper tegen een paard over te houden, maar wit bleef stevig overeind staan. Zwart probeerde met g5 en h5 op aanval te spelen, maar toen de loper tenslotte geruild was en de zwarte aanval onvoldoende perspectief op winst bleek te bieden, werd remise overeengekomen. ½-½
  
Marco de Groot - Jelle Bulthuis 
In deze partij pakte wit van meet af aan alle ruimte waar hij de handen op wist te leggen. Zwart zette een tegenactie in het centrum op touw door met c5 de witte d-pion te bevragen. De stelling werd het minst duidelijk toen beide spelers lang besloten te rokeren. Het was zeer de vraag wie er beter uit de stelling wist te komen.Nadat de stelling iets meer open was geraakt en beide partijen nog altijd geen winstplan hadden weten te bereiken, werden de dames geruild. Daarna bleef wit er het meest enthousiast voor te willen gaan. Hierdoor liep wit ook het meeste risico: zwart wist in een stelling met toren en paard tegen wits toren en loper een pion buit te maken en kreeg de gelegenheid om met zijn g-pion ver naar voren te schuiven. Wit had echter een sterke troef in de activiteit van de toren, die enkele pionnen buit wist te maken en een vrije h-pion kon creëren. Dit leverde zoveel tegenspel op dat zwart zich genoodzaakt voelde om de partij remise te geven. ½-½
  
Vincent Geerlings - Hendrik Steffers 
In een opening waarin wit een pion offerde voor vlugge ontwikkeling, streefde zwart een ander plan na. Zwart gaf de pion terug om op lange termijn de witte pionstructuur te verslechteren. Hiervoor had zwart echter zijn loper zwartveldige loper voor een paard geruild, waardoor de zwarte velden in de zwarte stelling een zekere zwakte begonnen te vertonen.Wit gaf alsnog een pion om ervoor te zorgen dat het loperpaar veel actiever bleef dan de nog niet ontwikkelde zwarte stukken. Zwart bleef lange tijd wat meer in de verdrukking staan, maar wit kon niet verhinderen dat zwart uiteindelijk de ontwikkeling kon voltooien. Daarna waren de kansen min of meer gelijk, en om de stelling nog wat onbalans te geven ruilde wit af tot een eindspel met beiderzijds twee torens en een loper van ongelijke kleur. Het getouwtrek duurde daarna behoorlijk lang, maar geen van beiden wist een goed aanknopingspunt voor een winstplan te vinden.
½-½
 
 Bart van Strien - Thomas de Ruiter
 In deze partij werden de c-pionnen al vroeg tegen elkaar aan geschoven. De paarden nestelden zich op respectievelijk d5 en d4, maar er zat nog niets concreets in de stelling. Plotseling werd de stelling echter complex: wit kreeg uit de verwikkelingen een dame, maar zwart kreeg er een toren en een paard voor terug. Vooral de loper op f6 deed nuttig werk in het bestrijken van de lange diagonaal. Bovendien bleef de witte koning vooralsnog in de gevarenzone. Wit leverde een derde stuk in om met de koning te kunnen vluchten en kreeg een gevaarlijke vrije c-pion. Die wist wit naar de overkant te brengen, waardoor zwart weer een stuk moest teruggeven. Er resteerde een eindspel waarin wit een dame, een loper en twee pionnen had tegen een toren, een loper, een paard en vier pionnen. De zwarte koning stond volledig veilig, dus wit had geen winstkansen meer. Zwart had echter nog wel iets om voor te spelen: de witte koning was kwetsbaar, en bovendien moest wit het doen met veel te weinig tijd. Zwart gaf niets weg en bleef met dreigingen werken, waardoor wit van lieverlee door zijn vlag ging. 0-1
 
 Jerrel Thakoerdien - Stijn Gieben 
In een opening waarin wit ruimte pakte in het centrum en zwart op de koningsvleugel aan de slag wilde, kreeg wit op zet 7 een interessante en enigszins obscure zijvariant voorgeschoteld. Zwart pakte deze variant op een originele manier aan en leek meer ruimte in het centrum te krijgen. Wit counterde echter met een goed getimed e4! en wist de druk op de zwarte stelling met Lg5 te vergroten. Zwart besloot om met f5-f4 op koningsaanval te spelen, maar wit was eerder met het plan op de damevleugel. Hierdoor moest zwart alle zeilen bijzetten om wit geen toegang tot de stelling te bieden. Zwart wist de stelling hier op het nippertje dicht te houden met een goed getimed b7-b5. Het verdwijnen van de zwarte d-pion tegen de witte c-pion bood voor de zwarte loper de gelegenheid om op d6 te gaan staan en daar heel nuttig de c-pion in de gaten te houden. Zwart had weliswaar veel tijd nodig om de stelling bij elkaar te houden, maar het resultaat was dat er een vesting was ontstaan waar wit niet meer doorheen kwam. Er werd langdurig halma gespeeld, want wit liep geen risico en had dus alle tijd om te proberen om zwart op het verkeerde been te krijgen. Toen de dames geruild waren, bleef de stelling in hetzelfde statische evenwicht staan. Toen het duidelijk werd dat er voor beiden écht geen doorkomen meer aan was, werd wijselijk tot remise besloten. ½-½
 
Michaël van Liempt
 
 
 

Je hebt geen rechten om te reageren