Verslagen
Een drukke avond op de vereniging wederom. Het derde speelde een externe competitiewedstrijd tegen SHTV (waarvoor jullie verslaggever ook nog eens wedstrijdleider was), dus er ontbraken in de interne competitie wat van onze smaakmakers. Niettemin hadden we dertien partijen aan de gang.
 
Valerie Janssen - Sebastiaan Ketting 
In het damegambiet werd vroeg op d5 geruild. Gedurende de hele partij is het evenwicht in de stelling niet noemenswaardig veranderd, en hoewel er van beide kanten allicht nog iets in de stelling had gezeten om voor te spelen, werd tot remise besloten. ½-½
 
Tomás Gallardo Bañez - Stijn Gieben
In een Engelse partij werd vroeg de witte c-pion voor de zwarte d-pion geruild. Hiermee verschafte zwart zich mooie open lijnen voor zijn stukken en een goed paard op d5. Wit pakte het daarna onhandig aan, en een goed getimed Lc8-g4 van zwart maakte bracht wit zodanig in de problemen dat hij zich genoodzaakt voelde de vlag te strijken. 0-1
 
Mireille Rubert - Albert Kool
 In een damepionopening waarin wit de loper naar de lange diagonaal ontwikkeld had, bereidde zwart sluw de ruil van deze loper voor door de eigen witveldige loper eerst te ondersteunen met de dame en daarna Lh3 te spelen. Wit rokeerde kort en zwart lang, waarmee beide partijen voor de aanval konden gaan.
Toen de stelling in het midden open kwam, kon wit een dubbele aanval uitvoeren. Daarna bleef wit het initiatief houden, en toen wit nog meer materiaal wist buit te maken, vond zwart het genoeg. 1-0
 
Joanna van Schaïk - Roelof van Marle
In een opening waarbij wit en zwart een loper op de lange diagonalen hadden gezet, kreeg wit de gelegenheid de zwarte loper op g7 te ruilen met een door de dame ondersteunde loperuitval naar h6. Hierdoor kreeg wit een paard op e5.
Verdere ruil van lopers en paarden onderstreepte dat de loper op c8 niet echt productief was. Maar ergens verrekende wit zich bij de massale liquidatie, want zwart hield een toren tegen een paard en een pion over. Hoewel zwart na Lxd5 nog stukwinst miste met Txc3, bleef de stelling voor zwart gewonnen. Aan het eind van de partij verrekende zwart zich en verloor een toren, zodat wit alsnog met een punt naar huis ging. 1-0
 
Michaël van Liempt - Marco de Groot
In de Grünfeld, een normaal gesproken scherpe opening waarin wit een machtig centrum krijgt en zwart daarmee een plan voor de rest van de partij krijgt, koos wit voor een minder bedreigende opstelling. Zwart kreeg daarmee de gelegenheid om het centrum open te gooien en kreeg hiermee een gezonde stelling.
Nadat van twee kanten de ontwikkeling voltooid was, kwam het met 17. e4 tot ingewikkelde complicaties, waarbij tot remise werd besloten omdat niemand meer kon zeggen wie er beter stond. ½-½
 
Jelle Bulthuis - Alexander Cupido
In een Spaanse partij met een vroeg f7-f5 waren er complicaties voordat beide partijen goed en wel uit de startblokken verdwenen waren. Wit kwam heel snel met de dame op h8 op bezoek, maar de dame had daar weinig perspectief op bevrijding. Wit moest uiteindelijk materiaal geven om de dame niet te verliezen, en de stelling verwerd tot een eindspel met voor wit wit twee torens en een paar extra pionnen, en voor zwart zwart een toren, loper en paard. Een van de witte pionnen sneuvelde, waar wit een penning over de d-lijn voor terugkreeg.
Toen beide koningen geactiveerd waren, bleek dat het eindspel dynamisch in evenwicht was.½-½
 
Thomas de Ruiter - Bas van der Berg
Een getouwtrek in het centrum leidde uiteindelijk tot een stelling waarin wit een geïsoleerde damepion had en zwart iets minder ruimte. Het opspelen van de pion, normaal gesproken een plan om naar uit te kijken, bleek in dit geval vooral zwart kansen te geven. Toen de pion verloren ging, kreeg wit wel wat compensatie in de vorm van actieve stukken en ongelijke lopers, maar zwart wist alle dreigingen het hoofd te bieden. Toen wit daarna een stuk weg gaf, was het pleit beslecht. 0-1
 
Vincent Geerlings - Harry van der Stap
 Ook in deze partij was er sprake van getouwtrek in het centrum dat leidde tot een stelling met een geïsoleerde damepion. Zwart wachtte in deze partij iets te lang met het voltooien van de ontwikkeling en betaalde daar een hoge prijs voor. Wit wist de stelling in het centrum te openen en kreeg daarmee aanvalskansen tegen een nog niet gerokeerde zwarte monarch, die vooral nog graag een pion op f7 had gehad. Zwart verdedigde zich dapper, maar de witte kansen bleken uiteindelijk teveel voor de zwarte stelling. 1-0
 
Jan Kommer - Henk van der Tol
 
Wit stelde zich op met beide lopers op de lange diagonalen, waarvoor zwart zich in het centrum compact opstelde. Wit begon met een iets actievere stelling, maar zwart had vooralsnog geen zwaktes.
De ruil van de paarden bracht verlichting voor de ietwat gedrongen zwarte stelling, en na de zwarte rokade was de stelling ongeveer in evenwicht. Maar plotseling ontging het wit in een klein moment van verstandsverbijstering dat veld d1 iets te vaak aangevallen stond, zodat hij een toren kwijtraakte en de handdoek in de ring kon gooien. 1-0
 
Peter Ketting - Yuri Hauser
 In een systeem waarin wit een gezonde en harmonieuze ontwikkeling nastreefde, liet hij het één zet te lang na om de loper op f4 met h2-h3 een schuilplaats te geven; zwart profiteerde hiervan door met het paard de loper af te ruilen en daarmee een verzwakking in de witte pionstructuur te bewerkstelligen. Na beiderzijds lange rokade werd het centrum het oorlogsterrein.
Wit wist op het juiste moment de spanning in het centrum op te heffen en nam een stuk mee. Met een stuk meer is het meestal wel handig om stukken te ruilen, maar daarbij geldt vaak ook: probeer zoveel mogelijk pionnen te behouden. Wit ruilde inderdaad veel stukken af, maar in het eindspel bleek het witte paard te korte benen te hebben om aan twee kanten mee te helpen. Hierdoor wist zwart uiteindelijk alle witte pionnen te ruilen, waardoor er voor beide partijen geen winst meer mogelijk was.  1/2 -1/2
  
Bart van Strien - Roel Leezer
In een opstelling van een pion op c4, een paard op c3 en een loper op g2 probeerde zwart een originele strategie na te streven: met de loper ruilen op c3 om aldus de witte pionstructuur te verzwakken en vervolgens alle aandacht te richten op de pion op c4. Dit had echter meer nadelen dan voordelen: met deze ruil waren de zwarte velden op de koningsvleugel chronisch verzwakt, en wit wist met de loper op h6 de witte rokade duurzaam te verhinderen. Met het verhinderen van de rokade kreeg wit ook een langdurig kansrijk initiatief tegen een zwarte koning die als een rat in de val zat. Met Pg5, Df6 en Td1 hing er een matnet in de lucht. Wit miste na een vernederende terugtocht van het zwarte paard een kans om de partij ogenblikkelijk te beslissen, en kort erna werd de partij op miraculeuze wijze remise. 1/2 - 1/2
 
Bauke Hoogland - Peter Gaemers
 In een opstelling met witte pionnen op e4 en f4 ruilde wit de witveldige loper voor een paard, met het doel om op de koningsvleugel snel tot aanval te komen. Met de sterke blokkadezet f7-f5 stopte zwart de witte opmars. Het positioneel ongelukkige e4-e5 maakte dat de witte zwartveldige loper de rest van de partij werkloos tegen de eigen pionnen aan mocht kijken. Zwart kreeg aldus een ijzeren greep op het centrum en kon naar hartenlust een doorbraak op de damevleugel voorbereiden. Ook de opoffering van een kwaliteit bood geen soelaas: toen zwart klaar stond om op de damevleugel het plan ten uitvoer te brengen, wachtte wit het noodlot niet meer af. 0-1
 
Jerrel Thakoerdien - Atze Metz
In de langste partij van de avond kwam een stelling op het bord waarin wit zich met d4-d5 ruimte in het centrum toe-eigende, maar waarvoor zwart in de plaats een meerderheid op de damevleugel kreeg die op lange termijn kon worden ondersteund door de loper op g7.
Wit manoeuvreerde een paard c4, dat er door een zwarte loper af werd geslagen. Terwijl wit een betonmuur op de witte velden neerzette, moest zwart laten zien dat het damepaard een toekomst in de partij had. Met b7-b5 bereidde zwart de dynamische kansen op de damevleugel voor, met het vooruitzicht om de pionnenmeerderheid op de damevleugel om te zetten in een vrijpion.
De ruil van de witveldige loper bracht de materiële zaken weer in evenwicht. Zwart moest secuur te werk gaan om de druk op de damevleugel te vergroten. Met de opmars van de b-pion naar b3 werd de witte b-pion op b2 vastgelegd en werd wit gedwongen tot een lange partij verdedigen.
Het enige zwakke punt in de zwarte stelling was de pion op d6, maar deze pion was vooralsnog niet in gevaar. Ook met een witte toren op a6 genoot de zwarte d-pion afdoende bescherming.
Lange tijd leek zwart aan het langste eind te trekken. Maar toen wit erin slaagde de zwarte loper te ruilen, keerden de kansen. Plotseling bleek de zwarte zwartveldige loper behalve een gevaarlijke moordenaar ook een belangrijke verdediger van de witte koning. De aanval leek uit het niets te komen: met f3-f4 en e4-e5 was het plotseling wit die de touwtjes in handen had, en na Pe4-f6+ en Dd2-c3 stortte de zwarte stelling ineens als een kaartenhuis in elkaar.  1-0
 
 
 
 
 
 
 

Je hebt geen rechten om te reageren